KNGU schrapt topsportstatus trampoline

Archieffoto © Maurice Smeets

BEEKBERGEN – Op 16 maart 2019 wordt de 23ste editie van de Flower Cup gehouden in De Bloemhof in Aalsmeer, een internationaal trampolinetoernooi met deelname van ruim 400 topsporters uit zeventien landen waaronder ook negen senior dames die strijden om de twee tickets van Nederland voor de Europese Spelen 2019 in Minsk, Wit -Rusland. Op 15 februari 2019 heeft turnbond KNGU echter aangekondigd vanaf 1 januari 2019 het trampolinespringen niet meer als topsport te beschouwen,  per 31 december 2019 alle Oranjeselecties op te heffen en de topsportstatus van alle selectieleden te beëindigen. Dit besluit is genomen door technisch directeur Mark Meijer en de bondsraad van de KNGU aan de hand van een aantal acties en bevindingen in 2018 waaruit de conclusie is getrokken dat ze in 2019 en 2020 geen internationale impact meer zullen hebben met deze Olympische topsport.

Dit nieuws is in trampolineland Nederland ingeslagen als een donderslag bij heldere hemel. De timing en het moment – halverwege de Olympische cyclus, anderhalf jaar vòòr de volgende Spelen – kon voor de focus in de trampolinesport niet slechter. Ook de motivatie tot dit besluit roept vraagtekens op en de consequenties voor alle betrokkenen zijn vooralsnog niet te overzien.

Internationaal geboekte successen sinds de eerste Spelen

De feiten lijken in elk geval tegen te spreken dat de Nederlandse trampolinesport – in vergelijking met toplanden in deze sport – onvoldoende successen zou hebben geboekt op het hoogste niveau. Sinds de eerste Spelen waarop het trampolinespringen eindelijk – dankzij het onvermoeibare lobbywerk van uitvinder George P. Nissen, getrouwd met een Nederlandse acrobate –  officieel op het programma stond, de Spelen van 2000 in Sydney, Australië, heeft de sport door tal van omstandigheden en verwikkelingen moeten knokken om haar plek te krijgen en te behouden in de nieuwe wereld van de KNGU – in 1999 als gymnastiekunie ontstaan uit een trapsgewijze fusie van diverse gymsportbonden, waardoor ze de zeggenschap kreeg over alle gymsporten in Nederland -.

In de afgelopen zestien jaar tijd lukte het Nederland op drie van de vijf Spelen een afvaardiging naar de Spelen te sturen (in 2000 één heer; in 2004 het maximale aantal: een heer en een dame; 2012: één dame), waarbij zowel door de heren als de dames de Olympische finale één keer gehaald werd (in 2000 en 2004). Twee keer stond er ook een Nederlandse trampolinespringster op het Testevent, de escaperoute in de kwalificatiestrijd en het voorportaal voor de Spelen (in 2012 en 2016).

Britse topcoach over potentie Nederlandse trampolinesport

De vermaarde Britse topcoach Jack Kelly zei – in een duo-interview met zijn goede vriend wijlen Mitch Fenner in 2011 voor het GYMmagazine van de KNGU-, dat de deelname aan de Spelen, ongeacht de uitslag en wie deelnam, de kracht, kwaliteit en potentie van de trampolinesport in Nederland aantoonde en, ook gezien het grote aantal generaties talenten die hij hier door de jaren heen heeft gespot en getraind, het daarom zeker de moeite waard is om in de sport te blijven investeren om op de lange termijn te kunnen (blijven) oogsten.

Qua Olympische deelname is deze sport vanwege het beperkte aantal te behalen tickets overigens de gymsport die het minst kost: als land kun je slechts één dame en één heer afvaardigen naar de Spelen, die zich moeten weten te kwalificeren (direct) op het WK in het pre-Olympisch jaar of via het WK op het Testevent in het voorjaar voorgaand aan de Spelen. Al is de trapsgewijze kwalificatiestrijd om zo’n plek op de Spelen te veroveren tussen de beste springers ter wereld (zestien heren of zestien dames) in deze moeilijke precisiesport zeker geen sinecure.

Voortzetten topsport-afdeling om talent te blijven ondersteunen 

NOC*NSF besloot in 2014, twee jaar na de Spelen van 2012 in Londen – met deelname namens Nederland van een trampolinespringster bij de dames (dertiende), hetgeen betekende dat de sport de helft van de mogelijkheden op Olympische deelname had weten te realiseren -, kennelijk met instemming van de KNGU, de topsportgeldkraan voor deze Olympische gymdiscipline dicht te draaien halverwege de Olympische cyclus bij de verdeling van de budgetten richting de Spelen van 2016 in Rio de Janeiro.

Het besluit werd gebaseerd op het feit dat er geen finaleplaats c.q. medaille gehaald was in 2012. Naar verluidt, zoals opgetekend door diverse landelijke media, besloot de ‘noodlijdende bond’ KNGU met eigen budget het trampolinespringen als topsport-afdeling verder te financieren, om het talent niet verloren te laten gaan. Niet alleen om het Olympisch toekomstperspectief voor de oudere maar juist ook voor de grote jongere generatie te behouden. Blijkbaar zag de KNGU vier jaar terug nog voldoende grond om de sport als topsport te blijven ondersteunen.

WK-selectie met het oog op kwalificatie voor Olympische Spelen

Met succes, tot en met het Testevent voor de Spelen van Rio de Janeiro in 2016 (waarbij er diverse sterke kandidaten waren die konden meedoen aan de kwalificatiestrijd) en later – al tellen prestaties in het synchroonspringen niet voor de topsportsubsidie van het NOC*NSF – het synchroonbrons bij de senior dames op de Wereldspelen van 2017, bij de oudste junior heren (categorie 17-21 jaar) op het EK van 2018 en de jongste junior dames (categorie jeugd 11-12 jaar) op het WK van 2018.

Na twee finaleplaatsen (twee keer zevende individueel en synchroon) op het EK in april 2018, welk feit zelfs in de media geroemd is door de persvoorlichter van de KNGU, werden voor het WK in november 2018 door de KNGU twee senior dames geselecteerd en afgevaardigd naar hun eerste WK, ondanks dat ze niet helemaal voldeden aan de gestelde eis van twee keer het puntenlimiet. Aan de heren werd zoals vaker afgelopen jaren die kans niet gegeven.

De begin 2018 aangestelde technisch directeur Meijer liet, vlak voor het WK in november 2018 in St Petersburg, Rusland, in een persverklaring weten: “Op basis van de prestaties uit het recente verleden, het ontwikkelplan en met het oog op de kwalificatie voor de Olympische Spelen van 2020 zijn deze twee dames geselecteerd voor het WK.”

Er zijn overigens in 2018 twee tickets behaald voor Nederland, dat er twee dames deel te kunnen nemen aan de continentale Spelen van Europa in 2019.

Motivatie tot besluit op grond van samenwerkingservaring met KNGU

Om op 12 december 2018, een maand na de WK en vier dagen na het goed bezette NK Teams in Alkmaar, met de bondsraad van de KNGU tot de conclusie te komen dat de sport de topsportstatus niet meer verdient.

Opmerkelijk is dat Meijer in de motivatie van het besluit zegt naast de momentopname tijdens zijn bezoek aan het WK ook te hebben geput uit eigen ervaring in zijn vorige functie als manager van CTO Zuid in Den Bosch in de tienjarige samenwerking met de KNGU inzake het topsportprogramma trampolinespringen, naast enquêtes met vele betrokkenen binnen de trampolinesport en andere topsport.

Alsook een objectieve ‘benchmark’ door een ‘embedded scientist’, gesprekken met coaches (breed), ex-topsporters, juryleden, bondsmedewerkers, ‘Taskforce’, leden van de Landelijke Technische Commissie (LTC) – onder wie ouders van topsporters – en sporters. Er wordt hierbij niet nader omschreven wat er is gevraagd, wie er precies is benaderd en waarom, alsook hoe de verhouding was tussen voor- en tegenstanders van het afschaffen van de topsportstatus van het trampolinespringen.

Vergelijkend onderzoek tussen Nederlandse prestaties en wereldtop

De ‘benchmark’ van de ‘embedded scientist’, moet een objectief onderzoek zijn geweest naar de prestaties van de Nederlandse sporters op de titeltoernooien in de afgelopen jaren vergeleken met de internationale top uitgevoerd door een bij de sportpraktijk betrokken wetenschapper, die normaliter – bijvoorbeeld bij CTO’s – zorgt voor ondersteuning van de coaching, optimalisatie van technieken, inzage in progressie en daardoor duurzame vooruitgang van topsporters door directe feedback tijdens trainingen en testsessies en analyse achteraf.

Uit de motivatie van het besluit van de KNGU, dat op de website van de turnbond is terug te vinden bij ‘wedstrijdzaken’, blijkt ook dat Carlijn Blekkink – een ‘springster’ in het topsportprogramma die door een zware nekblessure heel 2018 uit de roulatie was – in het najaar van 2018 bewust is aangesteld als sportconsulent om te zorgen dat in de afweging van de KNGU ook het belang van de sporter meegenomen kon worden.

Per 1 januari 2019 is Blekkink niet meer in dienst, ook vanwege het KNGU-besluit om het trampolinespringen als topsport te schrappen.

In 2017 vulden KNGU-leden gat in begroting aan voor trampolinesport

De ‘Taskforce’ is begin 2017 opgericht en is een initiatief uit de trampolinesport zelf, in samenwerking met de vroegere topsportcoördinator trampolinespringen van de KNGU Mark Schuurman, met als doel om het ‘tij te keren’ voor de trampolinesport: het imago en het niveau van de sport te verbeteren. Wetenschappelijke inzichten gebruiken om tot betere prestaties te komen, de sport aanprijzen bij het grote publiek en beter samenwerken met trampolineparken.

“Door de matige prestaties van Nederland heeft trampolinespringen de komende jaren geen prioriteit voor NOC*NSF, wat terug te zien is in de begroting. Voor 2017 compenseren de KNGU-leden dit zelf met een incidentele bijdrage. Na het EK van 2018 is de financiering onzeker. Hierdoor dreigt het budget van ongeveer 150.000 euro gehalveerd te worden. Het is de bond duidelijk dat er actie nodig is”, legde Schuurman indertijd tegenover de media uit.

De financiële problemen bij de KNGU zijn naar verluidt aangepakt door onder andere de contributie voor KNGU-leden en clubs te verhogen.

Kwalificatieprocedure voor Europese Spelen en WK/WAGC 2019 kan doorgaan

In 2019 wordt volgens genoemd KNGU-besluit alleen nog de kwalificatieprocedure voor de Europese Spelen eind juni in Minsk ondersteund uit de topsportgelden van de KNGU. Dat houdt in dat er kwalificatiewedstrijden kunnen worden georganiseerd – de eerste tijdens de Aalsmeer Flower Cup waar volgens de KNGU 400 topsporters uit zeventien landen deelnemen, de andere twee  tijdens de reguliere plaatsingswedstrijden voor het NK op 7 april en 12 mei 2019, waarbij zich liefst acht topkandidates hebben gemeld voor de strijd om de twee tickets.

Ook stelt de KNGU een financiële bijdrage beschikbaar voor de afvaardiging naar deze Europese Spelen in Minsk, Wit-Rusland. De LTC wordt volgens het KNGU-besluit wel toegestaan om een kwalificatieprocedure te publiceren voor het WK, het Olympisch kwalificatietoernooi eind 2019 in Tokyo, Japan, de locatie van de volgende Spelen, zonder dat Nederlandse trampolinespringers zich, onafhankelijk van hun resultaat. kunnen kwalificeren voor de Spelen van 2020.

Want per 31 december 2019 vervallen, in het zicht van het ultieme doel, bij de jaarwisseling naar het Olympische 2020, alle Oranje-trampolineselecties – voor senioren, junioren en jong talent – (die ook niet meer worden aangevuld in 2019), worden alle topsport-statussen (financiële toelagen) van de KNGU-selectieleden per die datum definitief beëindigd en zullen er geen nieuwe meer bij de NOC*NSF worden aangevraagd. De KNGU-regiotrainingen zijn al per 1 januari 2019 afgeschaft.

Oranjeselecties trampolinespringen vervallen en topsport-statussen leden afgeschaft

De KNGU – die zich sinds vorig jaar profileert als ‘DC Dutch Gymnastics’ en het turnende rode mannetje heeft ingeleverd voor een artistiek gedrapeerd vurig logo – heeft per 1 januari 2019 de ‘discipline’ trampolinespringen geparkeerd bij de unit ‘Sporters en Fans’, waarvoor kennelijk een nieuwe manager wordt aangesteld per 1 april 2019.

In de nieuwsbrief op de website van de KNGU, die onderschreven wordt door technisch directeur Meijer, tijdelijk manager Sporters & Fans Margot van Beusekom en de LTC-voorzitter Marion Sörman, staat dat in het overleg met diverse KNGU-vertegenwoordigers vanuit de units topsport, sporters en fans en de LTC afgesproken is ten aanzien van de overdracht een aantal zaken via de nieuwsbrief met betrokkenen te communiceren.

Met deze toelichting hoopt de feitelijk nu als turnbond opererende gymnastiekunie voldoende informatie te hebben gegeven over het genomen besluit en de consequenties ervan. De LTC is de afgelopen weken bezig geweest om de consequenties van dit besluit van de KNGU te inventariseren en de mogelijkheden te onderzoeken met betrekking tot de toekomst.

Hoeveel veerkracht heeft trampolinesport in Nederland nodig voor voortbestaan?

Het besluit van de KNGU om het trampolinespringen te degraderen tot breedtesport roept vragen op. Wat voor impact heeft het op de huidige generatie trampolinespringers en de talentontwikkeling op de lange termijn? Wat had er eigenlijk gepresteerd moeten worden om als topsport wel erkend te blijven en was dat een realistische verwachting? Wat betekent dit voor Nederlandse trampolinespring(st)ers die op de WK van 2019 in Tokyo bij de beste zestien eindigen en de Olympische limiet behalen?

Bovenal, welke veerkracht moet de trampolinesport in Nederland hebben om te blijven voortbestaan? Wat doet dit met het imago van Nederland als topsportland – met een groot potentieel aan talenten, toppers, topcoaches en drie internationale toptoernooien -, als er niet meer internationaal wordt deelgenomen, terwijl het trampolinespringen als Olympische topsport op het programma van titeltoernooien van de FIG blijft staan?

Valt er wat te leren uit de ervaringen met eerdere, vergelijkbare KNGU-besluiten zoals ten aanzien van internationale topsporten zoals aerobic gymnastiek (in 2010 geschrapt als KNGU-sport), rope skipping (begin deze eeuw naar een eigen bond verkast) en de ritmische gymnastiek (tot voor kort volledig breedtesport, zonder topsportstatus, terwijl de RG internationaal nog steeds een Olympische sport is)?

Eén miljoen voor twee KNGU-teams in de kwalificatie voor de Spelen van Tokyo 2020

Opmerkelijk in dit licht is dat de KNGU onder leiding van de technisch directeur in 2019 in de race naar het Olympisch kwalificatietoernooi voor de Spelen van Tokyo 2020, het WK in oktober 2019 in Stuttgart, alle registers heeft opengetrokken om twee turnteams (met elk vier sporters plus trainers en andere begeleiders) te kwalificeren. [Er kunnen dit keer zelfs minder turners en turnsters naar de Spelen. De FIG heeft de landenteams voor het turnen ingekrimpt, om naar verluidt op termijn meer ruimte te scheppen voor andere (gym)sporten op de Spelen…]

Met naar verwachting minstens een miljoen euro aan subsidie, aangevraagd bij de NOC*NSF, lijkt dat bij voorbaat een gelopen race, al is er echter (net als in het trampolinespringen) ook in het turnen – ondanks twee Olympische titels en diverse finaleplaatsen in de afgelopen zestien jaar – nooit 100% garantie op een positief resultaat in de toekomst te geven op basis van winst in het verleden.

Het in dit artikel omschreven KNGU-besluit is op de website van de turnbond te vinden via deze link. In een volgend artikel van een andere journalist van GymPOWER meer over wat te doen met het cadeautje van de NOC*NSF van één miljoen voor het turnen.

Artikel © GymPOWER | Credits tekst © Therry da Silva | Credits archieffoto © Maurice Smeets

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.