Waterland organiseert 1/4 turnfinale

Foto © Jeroen de Bruin

PURMEREND – In Sporthal De Beuk werden op 30 en 31 maart 2019 door Turncentrum Waterland onder auspiciën van de KNGU de derde kwalificaties c.q. de kwartfinales van de NK 2019 gehouden voor turners in diverse leeftijdscategorieën uit de ere- tot en met de derde divisie. Voor acht turners van Turncentrum Waterland was het de eerste keer dat ze een thuiswedstrijd turnden, met successen voor Barnbas Seprodi, Kyan de Zinger, Tomas Slijngaard en Hidde Haan. Sluitstuk vormde de wedstrijd voor de eredivisie jeugd, junioren en senioren op zondagmiddag, de enige wedstrijdronde waar de KNGU GymPOWER-journalisten een persaccreditatie voor toestond.

Persverklaring achteraf met bevindingen thuisclub

Een half jaar van voorbereiding ging er aan vooraf, waarbij de wedstrijdcommissie van Turncentrum Waterland vertelt support te hebben gekregen van de gemeente Purmerend, beheerder Spurd van sportcomplex de Beuk, hoofdsponsor Van ’t Hek BV en de Waterlandse Uitdaging.  Alles werd tot in detail voorbereid en dankzij de enthousiaste inzet van ruim 100 vrijwilligers liep de organisatie van het evenement vanaf de opbouw vrijdagavond tot en met de laatste wedstrijd op zondag op rolletjes. In een persverklaring achteraf deelt de club trots haar eigen bevindingen en foto’s.

De turners van Turncentrum Waterland zorgden voor medailles en plaatsing voor de halve NK-finale. Seprodi was het meest succesvol. Hij plaatste zich rechtstreek voor het NK door, met zijn beste scores op vloer en brug, het meerkampgoud bij de junioren tweede divisie te winnen, ondanks een foutje op rek  en een mindere voltige-oefening. De Zinger won het zilver bij de Jeugd derde divisie door zijn topoefeningen op vloer (19,20) en voltige (2de). Naast deze twee turners stromen ook Slijngaard en Haan door naar de halve finales. Voor Barnabas betroffen het kwalificaties, hij heeft zich met dit resultaat rechtstreeks geplaatst voor het NK.

Sluitstuk vormde de wedstrijd voor de eredivisie jeugd, junioren en senioren op zondagmiddag, de enige wedstrijdronde waar de KNGU GymPOWER een persaccreditatie voor toestond. Turnen van zeer hoog niveau ondanks het ontbreken van alle senior turners in het kernteam van Oranje. Het publiek zat op het puntje van de banken om niets te hoeven missen van de dubbele salto’s en vluchtelementen die de turners lieten zien. De KNGU was kennelijk zo content met het verloop van het turnweekend in Purmerend, dat Turncentrum Waterland alweer gevraagd is voor het organiseren van een landelijke wedstrijd in 2020.

Wedstrijd eredivisiewedstrijd jeugd, junioren en senioren

Ondanks het ontbreken van alle senior turners, inclusief die uit het kernteam van Oranje, gingen de aanwezige turners van het instroomteam ervoor en kon het publiek genieten van de salto’s, vluchtelementen en andere turntechnieken die ze lieten zien op de toestellen. Het was een goede wedstrijdervaring voor alle deelnemers. Niet alle turners turnden de meerkamp. Bondscoach van Bokhoven stond enthousiast te coachen en begeleidde samen met andere collega Oranjecoaches de selectieturners tijdens de wedstrijd, verdeeld over meerdere toestellen.

De scores dienden kennelijk een tweeledig doel. De vorm bewijzen op een toestel of plaatsen voor de (halve) finale van de NK  waarvoor de lat niet al te hoog was gelegd. Een meerkampscore was verplicht met een minimum van zestig punten, in elk geval voor de senioren. Het is niet voor iedereen haalbaar gebleken. De landingen waren niet altijd zoals ze wezen moeten en voltige was in de hele breedte weer een groot struikelblok, maar het was mooi om een 2,5 schroef als afsprong vanaf rek te zien.

Van het Oranje-instroomteam toonde Jermain Grünberg, regerend Nederlands kampioen en EK-2018-ganger bij de junioren, strijdlust bij de senioren met een redelijk stabiele meerkamp voor 72,950 punten, met zijn beste scores op vloer (12,750) en brug (12,650). Tim Goedkoop kwam tot 52,350 punten, maar turnde niet op sprong. Zijn beste score was aan de ringen (12,200 punten). Loran de Munck turnde met extra belangstelling van de bondscoach en andere Oranjecoaches op twee toestellen: voltige (13,200) en brug (11,900).

De dag erna bleek uit een persbericht dat De Munck uitgekozen was door de bondscoach om de geblesseerde Verhofstad te vervangen in het Nederlandse herenteam dat zaterdag 7 april 2019 met de Oranje-dames per bus zal afreizen naar de Europese kampioenschappen in Polen, die van 10 tot en met 14 april 2019 gehouden worden in Szczecin worden. Verhofstad zou op vier toestellen turnen: vloer, voltige, sprong en rekstok. De Munck zal alleen op voltige uitkomen, al heeft hij de richtscore (14.900) voor dit toestel niet kunnen behalen. Op de kwalificatiewedstrijd in Amsterdam op 10 maart 2019 turnde hij nog 13,400 punten.

Naast Grünberg, Goedkoop en De Munck kwamen ook de andere drie Oranje-instroomteamleden – Wesley de Haas, Luuk Huernink en Lars Vos – in actie in Purmerend maar dan in een andere leeftijdsklasse. In de eredivisie kwam Huernink bij de junioren-II als beste uit de strijd. Met 73,350 punten pakte hij het goud en plaatste hij zich voor het NK. Zijn beste score was op sprong (13,850). De Haas werd vijfde met 67,300 punten. Voltige was net als voor Grünberg een groot struikelblok. Zijn beste score behaalde hij op ook op sprong: 13,650 punten. Vos turnde in dezelfde categorie ook op twee toestellen: voltige (11,750) en rek (12,550).

Yazz Ramsaha, (nog) geen Oranjeklant, viel positief op met 69,450 punten voor de vierde plaats in de meerkamp, waarbij hij indruk maakte met zijn rekoefening inclusief afsprong, waar hij 11,500 punten voor kreeg van de jury. Bij junioren I was Ronan Boers de beste met 61,250 punten. Bij de Jeugd zegevierde Elijah Faverus met 73,050 punten

Teleurgestelde turnsupporters op de openbare tribune

“Waar is de tijd gebleven dat er enige lijn en spanning in de KNGU-turncompetitie op eredivisie-niveau te ontwaren was?!”, verzuchtten enkele turnsupporters op de openbare tribune. “Ooit werden er in elke leeftijdsklasse plaatsingswedstrijden geturnd voor de Nederlandse kampioenschappen en was het een eer om aan te treden op het NK om te turnen om de Nederlandse titels in de meerkamp en op de zes toestellen. Daarnaast had je, in de tijd dat er alleen een paar turners zich met de wereldtop konden en mochten meten, nog diverse de kwalificatiewedstrijden om een plek in de Oranjeselectie c.q. het Oranjeteam af te dwingen, welke afgevaardigd werd naar EK en WK. Daar keek je als sportliefhebber naar uit, om alle toppers van Nederland in actie te zien op de turnvloer in eigen land, te kijken wie zich het beste progressie had geboekt en op basis waarvan de bondscoach overtuigd werd.”

Met verbazing wordt gesproken over het gevoerde beleid in de herenturnsport. “Nu past het NK niet meer in de periodisering, is het EK verworden tot een testwedstrijd, is deelname aan Europese en Jeugdspelen niet van toegevoegde waarde gevonden en wordt een WK alleen maar geturnd met aangewezen turners omdat alles op alles gezet wordt op het halen van de Spelen. Wijlen Mitch Fenner riep in 2010 of 2011 dat Nederland met een team naar de Spelen kon gaan, maar wat zegt dat over de generatie turners van nu? Kunnen die de luxe wel aan die bewerkstelligd is een aantal jaren terug al met de gezamenlijke inzet van een op elkaar ingespeeld team inclusief de noodzakelijke inbreng van het trio Nederlandse wereldtoppers, meerkampers en specialisten, waar Fenner zijn team op bouwde?”

Visie en beleid bondscoach op Oranje-instroomteam

Op de persconferentie op 26 maart 2019 vertelde bondscoach Bram van Bokhoven zijn visie daarop en met name ook zijn beleid met betrekking tot het instroomteam van Oranje, waarvan de turners op 31 maart 2019 in actie kwamen.

“Waarom ik blij ben met het huidige instroomteam met zes turners, is dat de Oranjeselectie niet heel breed is nu. Ik reis rond langs de turncentra en probeer zowel sporter als trainer te prikkelen om altijd te blijven veranderen qua wedstrijd- en trainingsprogramma. Turners moeten geprikkeld worden om eigen keuzes te maken. Een eigen keus maken betekent, dat je een eigen plan hebt en zelf consequent gaat handelen en nadenkt wat dat het betekent om die keus te realiseren. Als er een keuze voor je gemaakt wordt, dan word je vaak een beetje consumptief. Zo proberen we dat bij allemaal. Dat gaat soms goed.”

Gevraagd naar de specifieke ontwikkeling van de turners in het instroomteam, was Van Bokhoven bereid uit te leggen hoe hij het ziet: “Loran wilde ik graag op de kwalificatiewedstrijd in Amsterdam zien. Die doet het wat mij betreft heel erg goed. Als allround turner heeft hij nog een paar beperkingen, maar ik zie er wel potentie in als het gaat om een aantal toestellen.”

Die andere jongens zijn net van junior naar senior aan het overstappen, die zijn dus heel erg hun programma aan het opwaarderen. “Dat gaat heel goed”, aldus Van Bokhoven. Vos bijvoorbeeld vindt hij heel indrukwekkend in de programma-opwaardering, “maar dat zit bij Lars nog op trainingsniveau.” De bondscoach zegt op een andere wedstrijd na de EK-kwalificatiewedstrijd te hebben bemerkt, dat Vos er nog verder aan moet werken om zijn programma op wedstrijdniveau te brengen. “Dat is nu helemaal niet erg, want als je een doel hebt en een planning dan moet je daar naar handelen. Dan heb je dit soort wedstrijden nodig om het op te bouwen.”

Over Huernink is de bondscoach ook heel tevreden: “Luuk gaat heel goed. Over het algemeen gaan de jongens goed. Dat zijn de jongens die we voor Parijs 2024 nodig hebben. Ik hoop dat die bij het eerste jaar van de nieuwe cyclus zover zijn, dat we ze kunnen gaan doorschuiven naar het grote Oranje. Nu moeten ze potentieel opbouwen. Nu moeten ze bouwen aan de elementen in de trainingen.” Van Grünberg tenslotte vindt Van Bokhoven desgevraagd, dat hij ook goed bezig is.“Jermain heeft een beetje hetzelfde verhaal. Op de trainingen heel veel aan het uitbouwen, gaat heel goed na een vervelend jeugd-Ek vorig jaar na een NK, met een meerkamp in de 76 punten.”

Van Bokhoven beaamde dat de afstand tot de top in deze generatie wel groter is geworden en dat dit onbewust extra druk kan geven. “In het buitenland zie je vaak dat als het seniorteam beter wordt, dat daarmee ook de afstand tot de junioren groter wordt, dat ze moeilijker doorkomen en minder geloof in zichzelf hebben. Daarom proberen we ze in het instroomteam ook te belonen – deze generatie is alweer beter dan de generatie daarvoor –, we proberen ze een boost te geven.”

“In Nederland hebben we niet de luxe dat je kunt kijken naar wat je wilt hebben, maar je moet kijken naar wat je ervan kan maken.” Dat moet wel kwalitatief zijn, vindt de bondscoach. “[…] Een prestatie is nooit absoluut, maar als je iets hebt gepresteerd komt er wel gelijk een groot verwachtingspatroon […] Je moet van een turner eruit kunnen halen wat er in zit. Als coach moet je dan kunnen vinden, waar de drijfveer van iemand ligt. Uiteindelijk is het de kick om te voelen dat je beter wordt.”

De aftervideo van GymPOWER gemaakt door © Casper Beijn met beelden van © Jeroen de Bruin is inmiddels gemaakt en staat op het Youtube-kanaal van de Sportredactie van  GymPOWER. De link is bovenaan dit artikel gepubliceerd.

Artikel © GymPOWER | Credits tekst © Therry da Silva | beelden © Jeroen de Bruin | Video-edit en interview © Casper Beijn

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*