Blik Van Duijn blijft gericht op Tokio

Blik Van Duijn blijft gericht op Tokio

EINDHOVEN – Vorig jaar zomer kwalificeerden Celine van Duijn en Inge Jansen, de twee Nederlandse wereldtoppers in het schoonspringen, zich onder leiding van bondscoach Edwin Jongejans voor de Spelen van Tokio 2020 op hun specialiteit. respectievelijk individueel 10m toren en 3m plank. Een unieke prestatie voor de twee Europees kampioenen van 2018 en 2019 die genomineerd waren voor de GymPOWER Sports & Media Awards 2019. Ze hadden hun zinnen gezet op een derde startbewijs, in het synchroonspringen op de 3m plank. Het nieuwe seizoen was in februari/maart 2020 net begonnen en ze zetten veelbelovende stappen in hun laatste uitdaging richting Japan. En toen trok het COVID19-virus ook in de zwemsport aan de noodrem en gingen alle plannen en wedstrijden de vriezer in, met als uiterste consequentie dat de Spelen verzet werd naar 2021. Het goede nieuws is dat, gezien hun topsportstatus van de NOC*NSF en de laatste overheidsrichtlijnen, ze binnenkort aan de slag kunnen in de eigen sportaccommodatie in het Pieter van den Hoogenband Zwemstadion in Eindhoven. GymPOWER sprak met Celine van Duijn die nog steeds vol vertrouwen en confident toewerkt naar haar Olympische droom.

Nog even geen Olympische Spelen. Wat een toestand, he.

“Ja, op dit moment is de gezondheid van de mensen even belangrijker, wat ik heel goed kan begrijpen. Het is niet zomaar iets natuurlijk, hé.” En dan moet je ook je hond nog laten inslapen “Ja, ouderdom, bijna vijftien jaar. Triest, het is de hond waarmee ik ben opgegroeid vanaf dat ik een klein meisje was, bij mijn moeder thuis. Een mooie leeftijd, maar afscheid blijft altijd moeilijk.”

Vorig jaar stond je er zo goed voor, je kwalificeerde je voor de Spelen, maar de voorbereiding en de trainingen verlopen nu door de Corona-crisis heel anders dan gepland, zeker ook het mentale aspectIeder zit in z’n eigen huis. Geen zwembad, waar je van de 10-meter kunt springen. Hoe doorsta je dat?

“Op zich prima. Het is wel even wennen natuurlijk, van dertig uur per week trainen naar nul, in principe. Ik probeer me elke dag fit te houden door een aantal krachtoefeningen die we kregen, maar ik heb nu ook op een barbell wat gewichten gekregen, dus ik probeer me zelf goed fit te houden. Daarnaast probeer ik wel m’n mentale en fysieke rust te pakken. Daarvoor is het nu eigenlijk wel het ideale moment. Dat zodra alles weer gaat beginnen, je er weer vol tegenaan kan.”

Dus qua conditie hoef je nu geen achterstand op te lopen? “Conditioneel niet echt, maar qua kracht ga je wel achteruit.” Ik ga ervan uit dat je ook een sporter bent, die haar sport niet in de tuin kan beoefenen. Tenminste geen zwembad van twintig meter diep. Dan zou je op een flat moeten wonen… “Ik kan wel van m’n dak afspringen, maar ik denk niet dat ik dan heel gelukkig terecht kom. Laten we dat maar niet doen en wachten tot het zwembad weer open gaat.“

Mentaal is dus wel een ding. Leuk is dat jullie trainer Edwin Jongejans in een interview met GymPOWER voor ons Jaarboek beschreef hoe jullie mentaal de laatste tijd waren gegroeid. Kun je dat nu goed gebruiken? “Ja. Dat weet ik wel zeker. Ook al zou ik geen training krijgen, ik vermaak me wel. Ik weet altijd wel wat ik moet doen en ik zorg wel dat ik mezelf goed fit hou.” Edwin is net als jij ook genomineerd weer voor Coach van het Jaar bij de GymPOWER Sports & Media Awards 2019. “Dankjewel. Altijd leuk om te horen.” 

Je hebt online je work-out van Team NL gedaan. Vond je dat leuk?

“Ik vind het heel leuk om mensen te motiveren en te helpen bij hun work-out. Ik vind het wel lastig om dat alleen voor de camera te doen, zeg maar. Het is een beetje ‘out of my comfort zone’. Ik heb liever dat ik iemand voor me heb, allemaal prima. Als ik het in m’n eentje voor een camera moet doen dan moet ik daar even aan wennen, maar verder ging het oké.” Bij jou was het wel een training op niveau, geen bezigheidstherapie. “Het was wel schoonspringen-gericht en dit is wat wij doen, waar onze basistraining uit bestaat.”

Niet iedereen staat er bij stil dat jullie er zo hard voor trainen. “En het is leuk dat je dat dan op deze manier aan anderen kan laten zien. Ik kreeg ook leuke reacties. Dat is altijd fijn, zoals ‘Heel leuk gedaan, ik ga het zeker proberen.’ of ‘ Dat ga ik zeker ook doen’ en andere leuke positieve reacties.” Ook reacties van je vroegere turnvriendinnen? “Ja, ik weet het van een paar. Ze volgen me op social media, dus die zien dit ook voorbij komen.”

Inge en jij behoorden tot de enkelingen die al zeker wisten dat ze naar de Spelen mochten, maar jullie moeten er nu wel veel langer op wachten. Hoe is zo’n verlengde trainingsperiode voor jullie?

“Ik denk dat ik het nu nog niet helemaal besef, want je zit nog thuis en de situatie is zo vreemd nog. Maar ik denk dat zodra het seizoen eenmaal gaat beginnen, het besef er komt en dan is het wel even ‘Kom op, wel nog even een heel jaar dat je moet knallen.’ Je moet je echt weer opladen.” Maar dat gaat wel lukken? “Jazeker. Tuurlijk! Ik kan het goed begrijpen dat het voor sommige topsporters heel veel is om extra op te brengen, maar dit zijn voor Inge en voor mij onze eerste Spelen en we werken er al jarenlang zo hard voor. Nou hebben we ons eindelijk gekwalificeerd en moeten we een jaar wachten, dan zou het wel heel zonde zijn om je droom op te geven. Ik denk dan ‘Dat ene jaar kan er dan ook nog wel bij!’  

Synchroon moesten jullie je kwalificatie nog wel behalen. Als je je wilde plaatsen met medaillekansen, dan zaten jullie soms op schema, soms net eronder. Als het nou weer losgaat, zit dan de top-8 allemaal in hetzelfde schuitje? Zijn dan de verschillen nog kleiner?

“Nee, dat denk ik niet. Je hebt allemaal een bepaalde basiskwaliteit en iedereen heeft even stil gelegen, maar in principe zit je met topsport wel binnen enkele maanden weer op je oude niveau, op je basiskwaliteit. Bijvoorbeeld de Chinezen verliezen echt hun talent niet. Die gaan echt niet qua niveau achteruit.” Verliezen die dan minder? “De Chinezen hebben net een wat hoger basisniveau dan de rest. Die worden gedrild en ik weet dat die nu ook gewoon doortrainen.” Jullie blijven liever op de Nederlandse manier doorgaan? “Ja, dat weet ik wel zeker. De Chinese aanpak hoeft voor mij ook echt niet.”

Moet er dan nog een extra kwalificatiewedstrijd of Olympic Test Event voor komen?

“Het hele seizoen is geskipt, dus ik denk dat het precies wordt, zoals het eerder had moeten zijn. Iedereen moet denk ik nog wel de kans krijgen zich te plaatsen. Het ligt natuurlijk wel aan hoe de Corona zich ontwikkelt, maar zoals het er nu uitziet denk ik dat volgend jaar iedereen weer z’n kans krijgt.” En als het NOC*NSF of het IOC zou zeggen, we willen geen kwalificatie meer, stuur gewoon je beste mensen naar de Spelen. Zou je dat willen of liever de strijd voor de kwalificatie waar je zelf voor kan knokken? “Ik denk dat uiteindelijk het eerlijk verdienen en ervoor vechten wel het allerleukste is. Zeker voor een sporter.”

Welke wedstrijd mis je dan nu het meest?

“Eigenlijk hadden we nu in april in Tokio gezeten voor de kwalificatie voor de Spelen. We zouden nu in Tokio zitten, dus ja, dat mis ik wel.” Je zit in gedachten daar. “Ja, we zouden op 10 april 2020 zijn vertrokken en toen dacht ik wel ‘We zouden vandaag naar Tokio gaan’. Dus dit is wel even andere koek.”

Zeg je, wat we vorig jaar hebben neergezet is een piek in de prestatie die nog steeds stimuleert tot volgend jaar?

“Jazeker, voor mij was dat echt mijn piekmoment, natuurlijk. Én op het juiste moment, weer. Dus daar ben ik nog steeds, tot op de dag van vandaag, heel erg trots op ja. Met al die wedstrijden kwam die EK aan het eind uit het topje van mijn tenen, hij moest er echt uitgeperst worden. Het was wel heel pittig ja. Eerst gepiekt op de WK, nadat ik al een vrij lang seizoen had gedraaid, én de World Series én daarnaast nog individuele Grand Prix, omdat ik op de World Series geen 10-meter of individueel mocht doen. Het was een pittig seizoen, ik ben heel veel weg geweest. Dus het laatste was een goede uitsmijter. Op de WK had ik al gepiekt en dan weet je dat je twee weken later weer moet pieken en dat is dan wel lastig. Maar ja, je geeft er natuurlijk weer alles voor. Het is altijd fijn om te kunnen knallen.”

Eén van de categorieën waarin je genomineerd was, was het moeilijkste sportelement. Hiermee kun jij het echt opnemen tegen Epke Zonderland en andere wereldtoppers. Wat vind jij je moeilijkste sprong vanaf de toren?

“Ik denk zelf dat de moeilijkste en interessantste de handstandsprong toch wel is. Én de meest indrukwekkende. Aangezien je op 10-meter hoogte op je handen staat. Daar vervolgens mee afzet en dan een dubbele salto met anderhalve schroef maakt. Dát is gewoon een hele vette sprong.”

Samenvattend begrijpen we dat je je hier wel doorheen worstelt. Je bent er nuchter in.

“Ja. Ik ben nu ook bezig met mijn eigen website voor mijn eigen massagepraktijk. Die wil ik nu ook verder gaan opzetten. Ik heb de papieren. Dus dat ga ik verder voorbereiden. Dat zodra alles voorbij is, dit ook een beetje kan gaan lopen. Ik begin alleen en hoeveel er bij komen, hangt af van hoeveel mensen ik uiteindelijk kan gaan behandelen en hoe groot ik ga worden. Ik begin eerst aan huis en later open ik mijn praktijk. De bedoeling was om er na de zomer van 2020 mee te beginnen, maar ja, dat wordt nu wat uitgesteld. Ik ga hier en daar al wel proberen klanten te krijgen.”

Wat is je visie  erbij?

“Ik vind het leuk om vanuit mijn sportachtergrond mensen te inspireren en te helpen. En zeker niet alleen uit het schoonspringen. Ik moedig ook niet-sporters juist aan om het lichaam te onderhouden. Dat is voor iedereen heel belangrijk.”

Meer informatie over het schoonspringen en de voorbereiding van Celine van Duijn en Inge Jansen op de Olympische Spelen van 2021 in Tokio is te vinden op de media van de KNZB en de media van de NOC*NSF.

Artikel © GymPOWER | Credit tekst en interview © Casper Beijn | Credit beeldcitaten © Celine van Duijn | © NOC*NSF/©TeamNL

Sportredactie GymPOWER

Sportredactie GymPOWER

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.