In tijden van crisis is leiderschap geboden

In tijden van crisis is leiderschap geboden

BEEKBERGEN – Op donderdag 28 mei 2020 kwam eindelijk het verlossende bericht waar ieder in de artistieke sportwereld al maanden, sinds het begin van de ‘lockdown’ wegens de Corona-crisis, naar uitgekeken heeft en op zat te wachten. Na een intensief traject met een vlammend pleidooi door NOC*NSF heeft de regering toestemming gegeven om, onder strikte voorwaarden, de binnensportaccommodaties vervroegd open te laten gaan per 1 juli 2020 in plaats van 1 september 2020. We mogen allemaal, van 0 t/m 100+, onder de strikte voorwaarden van het sportprotocol weer binnen trainen in de eigen vertrouwde hal!

Het goede nieuws verraste zelfs DG/KNGU-directeur Marieke van der Plas die zich afgelopen maanden met hart en ziel ingezet blijkt te hebben in de klankbordgroep, zodat NOC*NSF een nationaal pleidooi kan houden bij de regering namens alle (binnen)sporten. Op zich al een uniek gebeuren dat iedereen in de Nederlandse sportwereld zij aan zij strijdt met en voor elkaar.

Uit een bericht op de website van gymnastiekunie DG/KNGU bleek haar grote betrokkenheid bij dit traject achter de schermen. In een exclusief en bijzonder interview met GymPOWER deelde ze vandaag haar beleving, visie en nieuwe inzichten die haar in deze Corona-crisis gesterkt en verrijkt hebben om een lans te helpen breken voor alle binnensporten in Nederland. In tijden van crisis is leiderschap geboden.

Er is achter de schermen veel gebeurd, hoe is dat gegaan?

“Het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft er voor gekozen om NOC*NSF als aanspreekpunt te nemen in het hoofdoverleg over de sport in de Corona-crisis. Er zitten drie sportbonden in de klankbordgroep van NOC*NSF: de voetbalbond, de hockeybond en de DG/KNGU. NOC*NSF zit achter het stuur en wij op de achterbank. Al vanaf het directe begin heb ik er op aangestuurd dat de DG/KNGU daar deel van uit kon maken. Bij de overheid, de media en het grote publiek lag de focus vooral op voetbal, hockey en buiten sporten. Ik koos ervoor dicht bij het vuur te vechten voor onze binnensporten. Het was goed dat ik erbij kon zitten. Gymsport is heel veelzijdig en dat weet gewoon niet iedereen.”

Kun je dat met een voorbeeld toelichten?

“Als het in de stukken bijvoorbeeld gaat over scheidsrechters langs de lijn en in het veld, dan ligt dat bij onze gymsporten heel anders. Ik snap het ook wel, maar het ministerie van VWS en NOC*NSF hebben niet altijd die brede blik van alle sporten. Dat geldt niet alleen voor onze gymsporten, dat geldt voor alle binnensporten. De verschillen tussen sporten zijn nu extra zichtbaar geworden. De overheid neemt in de Corona-crisis algemene maatregelen zonder dat ze rekening kunnen houden met individuele of sectorale verschillen.

Die verschillen komen later pas aan de orde?

Als je beslissingen in een crisis moet nemen, kun je niet zo gedetailleerd denken. Maar als je dan in een nieuwe fase komt, moet je wel naar die verschillen gaan kijken. Als er straks wordt gekeken naar de wedstrijden, kan het gaan over zaalsporten zoals de teamsporten of vechtsporten zoals judo, maar dat ligt bij de gymsport anders omdat dat voornamelijk individuele sport is. Bij acrobatische gymnastiek is dat wel weer anders. Als je dan bij de fase met wedstrijden een scheidslijn gaat maken: ‘binnen mag niet, buiten mag wel’… Doe dat nou niet!”

Wat heb je gedaan om dat duidelijk te maken?

“De afgelopen tijd ben ik vooral bezig geweest om de diversiteit binnen de sport leidend te laten zijn bij nieuwe maatregelen. Je moet er voor zorgen dat de gymsporten daarin goed in meegenomen worden. Voor geen enkele andere sport, behalve dan voor sporten voor mensen met een beperking, is het fysieke contact tussen trainer en sporter zo belangrijk als in de gymsporten. Als je in welke gymsport ook een nieuw technisch element wil leren, dan moet de trainer je kunnen vangen. We zijn de enige sport die dat heeft. Dus ging de vraag naar het RIVM vanuit mijn kant vooral over wat kunnen we besluiten over de trainers. Kunnen ze niet als contactberoep worden aangemerkt?”

Moet je de diversiteit binnen de sport nog uitleggen?

“Het VWS en NOC*NSF realiseren zich de diversiteit in sporten niet altijd.  Ook al duikt de pers op of lees je in stukken vooral over de topsport en niet over de breedtesport, dat is het aan ons om daar iets tegenover te stellen. Het gaat om de diversiteit tussen en binnen sporten en hoe je daarmee omgaat, en hoe je ervoor zorgt dat beleid recht doet aan die diversiteit. Ten tijde van het begin van de Corona-crisis was dat moeilijk, maar als de piek voorbij is, dan is het tijd om daar aandacht voor te vragen en er voor te vechten. Ik heb er echt voor moeten vechten en dat doe ik nog steeds, want ik ben nog niet klaar!”

Is daardoor de openingsdatum vervroegd naar 1 juli?

“Wat je eigenlijk doet, is enerzijds zorgen dat ze bij NOC*NSF de juiste informatie hebben over onze sporten, zodat ze deze kunnen gebruiken in het pleidooi namens alle binnensporten. Ik kies bewust voor het woord pleidooi voor dit intensieve traject en niet voor lobby, want het gaat hier om gezondheid. Je lobbyt niet voor gezondheid. Je wil het kabinet en de rijksoverheid voeden met het idee dat je de gezondheid voorop plaatsend, toch veilig binnen kunt sporten.”  

Slechts informeren, geen druk uitoefenen op het beleid?

“Er werd wel geroepen om een hardere lobby, om meer lobby, maar ik wilde – zeker in het begin – weten of het veilig kon. Ik ga niet roepen ‘De gymzaal moet open!’, als er doden gaan vallen door het virus. Toen de piek voorbij was en ik zeker wist dat er geen gevaar was voor kinderen om binnen te sporten, ben ik het traject harder in gaan zetten. Zo van: ‘Dit kan verwantwoord, wat is de reden dat we niet open kunnen?’ En dat voeden met informatie dat binnen trainen verantwoord kan. Maar dat is pas op het moment dat je het zeker weet vanuit de wetenschap.”

Hoe heb je dat dan kunnen weten en doen?

“Ik heb ook zelf kinderartsen gebeld – en hoogleraren met de vraag of het gevaarlijk was voor contactberoepen. Daarom zie je dat ik pas de laatste weken meer naar buiten getreden ben met die boodschap, omdat ik dat eerst zeker wilde weten. Ik wilde in tegenstelling tot de sportscholen die een lobby startten vanuit een economische noodzaak, wat ik overigens heel goed begrijp, een pleidooi voeren juist vanuit de maatschappelijke insteek en het gezondheidsaspect.”

Er zijn ook financiële gevolgen voor de sport?

“Natuurlijk doen we ook een pleidooi om geld voor de sport, want verenigingen hebben het heel zwaar nu en dat geldt ook voor de bond, maar het belangrijkste doel nu is om de sportverenigingen sterker te krijgen, te helpen met de wederopbouw en door deze crisis heen te komen. Daarnaast is het ook een pleidooi voor: ‘Laat de sport binnen de grenzen wat verantwoord is voor de gezondheid weer opstarten!’

En als het Corona-virus een comeback maakt?

“Als er een tweede piek komt, hoop ik dat de sport niet weer wordt dichtgegooid. Ga alstublieft niet vanuit een pavlovreactie de sport weer dichtdoen. Kijk nou naar wat wel kan en verantwoord is en laat dat leidend zijn voor beleid. Nu we de vervroeging van de openingsdatum voor de sport voor elkaar gekregen hebben, is dat de voortzetting van mijn pleidooi. Zorgen dat zolang we geen vaccin hebben het komende jaar, de sporten de ruimte blijven krijgen om verantwoord open te zijn, met wel de volksgezondheid op nummer één. Dus mijn advies is: blijven kijken naar wat wel mogelijk is, in plaats van een hele sector dichtgooien.”

Een goede timing van de beweegactie met Epke?

“Die boodschap ‘Gebruik sporten als wapen tegen een ongezonde leefstijl’? Ook los van deze Corona-crisis ben ik er blij mee, omdat er een geluid vanuit de sport komt. Vanmorgen nog hebben we het er nog met een aantal bonden over gehad, dat we ervoor moeten zorgen dat sport een betere positie krijgt op al die andere beleidsterreinen. Als je kijkt naar bijvoorbeeld de zorg, dan is de sport apart georganiseerd, terwijl je vanuit de zorg juist als preventiemiddel in de sport zou moeten investeren om zorg te voorkomen. Wat ik van de afgelopen weken heb geleerd, met de kennis van nu, is dat het bizar is de sport dicht te gooien juist op het moment dat het gaat om de volksgezondheid.”

Sport kan meer betekenen voor de samenleving?

“Als sport hebben we juist een rol om de wereld gezond te houden en daarom moeten we dus in preventie denken. Zo kunnen we werken aan de immuniteit en weerbaarheid van mensen en op het moment dat zoiets als Corona-pandemie komt, dat zijn we minder kwetsbaar. Dus dat geluid van Epke en van de andere sporticonen maakt me heel blij en helpt me om uit de crisis-gedachte te komen en te zien hoe belangrijk sport is. Het gaat niet alleen om sportscholen maar om de hele breedte van de sport, juist ook de verenigingssport. Ik ben juist blij als mensen als Epke opstaan om te zeggen: ‘Zie sport als middel, juist nu heb je de sport nodig!’”

Bijzonder dat die actie afgelopen week is gedaan…

“Inderdaad, vlak voor het moment van besluiten over het vervroegen van de datum voor het wel of niet opengaan van de binnensport. We hebben de laatste tijd zo goed kunnen optrekken met de trainers en clubs om ons pleidooi te laten horen… Ik heb nog nooit zoveel contact gehad met onze leden en achterban als afgelopen twee maanden. Ik hoop echt dat we dat vasthouden. Soms heb je kennelijk iets destructiefs nodig om iets in stelling te krijgen. De Corona-crisis heeft ook een digitale revolutie veroorzaakt, ook bij de sportverenigingen, en bovenal een grote impuls gegeven aan de saamhorigheid binnen onze sporten. Dat contact met elkaar moeten we vasthouden!”

En hoe gaat het nu verder richting 1 juli 2020?

“Als een algemeen protocol onder uiteindelijke verantwoording van het Ministerie van VWS en NOC*NSF, waar alle sportbonden (ook die die niet aangesloten zijn bij de nationale sportkoepel) in verschillende teams aan hebben bijgedragen en meegeschreven, er eenmaal is, wordt dat gepubliceerd en verbindt iedere tak van sport daar zijn eigen richtlijnen aan. Bijvoorbeeld, toen buiten sporten in beeld kwam, moesten de gymsporten iets zeggen over materialen, het wielrennen over hoeveel mensen in een peloton verantwoord is en judo over elkaar aanraken bij een wedstrijdje buiten.”

Wat staat er dan allemaal in het hoofdprotocol?

“Het voor alle sporten uniforme sportprotocol moet voldoende handvatten bieden voor de eigen richtlijnen per sport. Waar materialen staat, zijn dat voor onze gymsporten toestellen. Hiervoor doen we voorwerk, want we winnen informatie in bij andere landen zoals Duitsland en België, om zo snel mogelijk te kunnen schakelen zodra we binnen open mogen. We hebben onze LTC’s [Landelijke Technische Commissies-RedGP] per gymsport gevraagd: wat zijn volgens jullie sportspecifieke richtlijnen als we straks weer naar binnen mogen. Daar hebben we ook al de input op gekregen!”

Er staat jullie dan nog veel werk te wachten?

“Vandaag horen we van NOC*NSF hoe dat algemene sportprotocol eruit komt te zien en welk tijdpad dat heeft. Ik heb daarbij gepleit om eind volgende week dat protocol klaar te hebben. Want dan kunnen we daarna vanuit de gymsport weer verder, want het is zo 1 juli. De clubs, de trainers en de sporters willen weten waar ze aan toe zijn. Dat moet zo snel mogelijk. Je moet weten hoeveel kinderen er straks binnen mogen, hoe je met trainers moet omgaan en hoe je antwoordt op nog vele andere uitvoeringsvragen. Ook al is het maandag Pinksteren, wij werken 24/7 door. Dan gaan we bekijken: wat betekent het protocol voor de accommodatie, voor de sporters en voor de ouders, wat is voor de gemeente en wat voor de bond? Dat gaan we zo snel mogelijk uitwerken, zodat het protocol voor binnensporters er zo snel mogelijk is.”

Wat is de inbreng van de sportverenigingen hierin?

“Parallel aan de uitwerking van het hoofdprotocol kunnen we heel snel weer een klankbordgroep van clubs inzetten om verder aan die eigen richtlijnen te kunnen werken. We doen dat voor sportspecifieke dingen. Ik word veel gemaild door clubs: neem dit mee, neem dat mee, zoals bijvoorbeeld over ventilatieroosters. Dat doe ik ook. Er zijn ook vragen over de privacy. De regel daarover komt in het algemene sportprotocol. Om contactonderzoek te kunnen uitvoeren heb je de gegevens nodig en moet je mensen kunnen bereiken als er op een bepaalde plek een besmetting wordt geconstateerd.”

Hoe zit het met de wedstrijdplanning in het nieuwe seizoen?

“Daar zijn nog niet veel bijzonderheden over bekend. Vooralsnog wordt de gewone wedstrijdplanning voor het nieuwe seizoen aangehouden. Onze taak is duidelijk te maken wat de gevolgen zijn voor de sport door de keuzes van de overheid. Belangrijke criteria blijven: wat is een buitensport en wat is een binnensport, wat is een individuele sport en wat is een teamsport, en wat is een contactsport en wat is een niet-contactsport. Hoe kunnen we ervoor zorgen dat de (gym)sport in al haar facetten na 1 september 2020 met het nieuwe seizoen kan starten?”

Mag iedereen vanaf 1 juli 2020 binnen trainen in de sporthal?

“Iedereen mag naar binnen vanaf 1 juli, maar 18+ers moeten de 1,5 meter afstand houden. De datum is vervroegd onder de voorwaarde dat het goed moet blijven gaan met de RIVM-cijfers. Je ziet bij velen zo’n enorme gedrevenheid om gelijk terug te willen naar het oude normaal, maar we blijven vanuit de bond het belang aangeven van stapjes zetten. Het is niet slecht van de overheid om dingen op een behoedzame manier te blijven doen. Dat de binnensport in principe open mag voor alle leeftijden, weten we eigenlijk pas sinds gisteren, diezelfde ochtend wees nog niets daarop. Eergisteren was de boodschap van de VWS aan ons nog: ‘Alles blijft dicht!’”

Hoe komt het dat die boodschap in twee dagen tijd veranderde?

“Mijn strategie was: ‘Ik neem het aerosol-vraagstuk heel serieus, daar moeten we zeker een antwoord op hebben, maar voor kinderen is dat niet relevant, want die zijn geen risicogroep. Dus, als we een heropstartplan hebben, beginnen we met de kinderen.’ Het bleek echter nog veel sneller te gaan! Het zag ernaar uit, dat de binnensport nog dicht moest blijven voor alle leeftijdsgroepen vanwege het aerosol-vraagstuk. Natuurlijk richten we ons met onze boodschap ook op oudere kinderen en volwassenen, maar daarop was tot voor kort niet veel hoop vanwege het aerosol-vraagstuk. Dat dat niet van toepassing bleek op jongere kinderen die wel gewoon naar school gingen en waarvoor binnen gymmen al was toegestaan. En toen kwam ineens de mededeling: iedereen mag naar binnen om te sporten.”

Was dat dan toch een verrassing voor je?

“Dit hadden we totaal niet verwacht. Mijn vreugde is groot, we mogen van 0 tot 100+ naar binnen! Met alleen de afstand van 1,5 meter voor 18+ers. Die protocollen zijn we nu aan het uitwerken. Er blijft verschil, want als je acrobatische gymnastiek beoefent in een team met een dertienjarige en een twintigjarige, tja. Dat kan en mag dus gewoon nog niet, tenzij ze uit één gezin of huishouden komen. Dat geldt ook voor dansen met paren. Het ligt voor de danssector ook heel ingewikkeld. Niet per se voor groepen, want die zouden op anderhalve meter kunnen, maar paren van volwassenen mogen nog steeds niet. Ik doel op dansen waarbij je elkaar aanraakt.”

De danssector is veelomvattend en gaat verder dan de sport.

“De cultuursector, waaronder ook dansorganisaties vallen, volgen nu onze sportprotocollen. Je hebt dans binnen de DG/KNGU en binnen diverse andere bonden, organisaties en sporten, maar je hebt ook de cultuurconnectie, bijvoorbeeld gesubsidieerde dansgroepen, dat is cultuur. Dans is meer verspreid en divers dan de sport. Ik heb afgelopen week contact gehad met de NADB en het gehad over de vraag over hoe iedereen zo snel mogelijk verantwoord naar binnen zou kunnen. Voor hen is daarbij de grootste uitdaging ook het dansen in paren.”

Cultuur, dans en sport kunnen veel meer voor elkaar betekenen?

De laatste tijd heb ik veel geleerd wat dat betreft. We zaten allemaal erg in het coconnetje van de eigen sport. In de Corona-crisis hebben we ons moeten realiseren dat als de overheid een besluit neemt over sport, het gevolgen heeft voor de hele breedte. Kinderen kunnen nu met hun school binnen gymmen maar mogen niet sporten bij hun club in dezelfde gymzaal vaak. Een beslissing voor cultuur heeft ook gevolgen voor onderwijs, ook gevolgen voor sport en ook voor bijvoorbeeld commerciële trampolineparken en sportscholen. Het is goed om op te trekken met sporten die hetzelfde in zich hebben zoals jij en dus ook gebieden als cultuur en onderwijs. En samen proberen zo veel ruimte te krijgen.”

Samen staan de sporten echt sterker dan?

“De overheid kan en zal nooit een uitzondering maken alleen voor de gymnastiekunie, dat gaan ze gewoon niet doen. En daar binnen zelfs ook nog de acrobatische gymnastiek. Maar wel als er één lijn is voor alle sectoren die dezelfde facetten in zich hebben. Dat is mijn les van de afgelopen weken. Je moet in het veld zo veel mogelijk samenwerken. Ik heb heel veel contact gezocht met cultuur om te zorgen dat als ik meewerk met dat algemene sportprotocol, dat ik dat doe vanuit de belangen van de gymsport maar ook vanuit het belang van de gehele sport! Je moet rekening houden met de hele breedte van de sport waar je het voor doet. Dat er contact tussen sporter en trainer mogelijk wordt gemaakt, is niet alleen voor de gymsporten van belang, maar ook voor alle sport voor mensen met een beperking. Dus overheid, let ook op de gehandicaptensporten, want anders staan die zo meteen aan de zijlijn!”

Hoe zit het nu met het aerosol-vraagstuk en ventilatie?

“Aerosol-druppels die in de binnenruimte blijven zweven, dat zwaarwegende probleem gold aanwijsbaar alleen voor slecht geventileerde ruimtes en dat een heel goed geventileerde sporthal voor dat probleem dicht zou moeten, was niet langer vol te houden voor de overheid. Ik heb contact opgenomen met Karin van Bijsterveld, bestuursvoorzitter van NL Actief om daarin ook samen op te trekken, ons verbazend dat er in andere sectoren het ventilatievraagstuk helemaal niet werd meegenomen. Een restaurant mag gewoon open vanaf 1 juni 2020. Wij hebben in ons pleidooi echt aangetoond dat wij in de binnensporten de ventilatie prima op orde hebben en sporters laagdrempelig kunnen trainen, zonder al te veel inspanning en het hijgen. Je mag sporten maar je mag niet hijgen.”

Jullie hebben een onderbouwd pleidooi moeten houden?

“Er werden eerst argumenten tegen de sport gebezigd dat het gevaarlijk was omdat sporters zweten, terwijl TNO bewees dat het virus niet verspreid wordt via zweet. Binnen sporten zou niet veilig zijn, terwijl het veel genuanceerder ligt dan dat. Prima dat het aerosol-vraagstuk belangrijk wordt geacht, maar dan wel met gelijke monniken, gelijke kappen. De nieuwe hal van De Hazenkamp, de SportQube in Nijmegen, bewijst dat je van onze gymsporten niet kan zeggen dat er niet genoeg ventilatie is. Het ging er dus niet om om ideeën te weerleggen, maar om elke keer de juiste vraag te stellen. Waar ligt het fundament van de rigoureuze beslissing om de hele binnensport dicht te houden? Dat werd voor de overheid steeds moeilijker aan te tonen. Ik heb alle lof voor dit kabinet, die nu toch de sport opendoet. Allemaal onder voorbehoud, want de RIVM-cijfers moeten echt gunstig blijven.”

Wat zijn voor de DG/KNGU de prioriteiten bij deze nieuwe fase?

“Mijn prioriteit ligt nu bij dat er straks een protocol komt, waarbij we in de gymsport iets kunnen, zowel tot en met 18 als vanaf 18+ en ouder; dat we er op tijd voor kunnen zorgen dat ons nieuwe wedstrijdseizoen kan starten; èn dat de verdienmodellen in orde zijn wat een uitdaging gaat worden als we wedstrijden zonder publiek moeten doen. Dezelfde kosten maar minder inkomsten geeft een probleem, voor verenigingen en voor de DG/KNGU. Daar moet ook een oplossing voor komen. Dus het is aan ons zelf, dat we de komende tijd en de komende maanden laten zien dat we dit verantwoord kunnen doen.”

Hoe ervaar je die solidariteit binnen de DG/KNGU-wereld?

“Wat we kunnen doen is zo goed mogelijk de protocollen naleven, ons gezonde verstand gebruiken en zoveel mogelijk doen om iedereen veilig te laten sporten. Ik ben ervan overtuigd dat we dat kunnen. Het lot van onze sport ligt voor een deel echt in onze eigen handen! Ik ben de afgelopen tijd heel erg geraakt, zeker de afgelopen twee maanden, door de kracht van onze gymsport. Echt heel erg geraakt. Als je kijkt hoe constructief iedereen erin staat, ook al is het soms moeilijk en wordt er af en toe gemopperd, maar ik heb echt gezien hoe trainers, clubbestuurders, sporters en ouders hun best deden om zich flexibel op te stellen, creatief te zijn, door te zetten en ons van goede feedback te voorzien. Door ons op een constructieve manier vertrouwen te geven. Ik heb de afgelopen twee maanden heel veel vertrouwen gevoeld en dat is de drijfveer en de kurk waar onze sport de komende maanden op drijft. We hebben elkaar heel hard nodig. Ik hoop echt dat iedereen er in blijft vertrouwen, dat we de juiste stappen zetten en het maximale doen om alles weer naar het nieuwe normaal te krijgen.”

Waarvan akte! Meer informatie is te vinden op de website van de DG/KNGU en de website van NOC*NSF.

Artikel © GymPOWER | Credit tekst © Therry da Silva | Credit interview en coverfoto © Casper Beijn | Credit beeldcitaten: © DG/KNGU, © NOS Sport en © NOC*NSF

Sportredactie GymPOWER

Sportredactie GymPOWER

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.