Oud-turnster over Frank Louter: “Trainers kunnen veranderen. Geef ze de kans om dat aan te tonen.”

Oud-turnster over Frank Louter: “Trainers kunnen veranderen. Geef ze de kans om dat aan te tonen.”

ZOETERMEER – Een inmiddels volwassen oud-turnster die in het verleden onder leiding van Frank Louter getraind heeft bij Pro Patria Zoetermeer heeft GymPOWER gevraagd of ze haar verhaal bij onze sportredactie mocht doen. Gezien alle publicaties over haar oude trainer wil ze ook haar ervaringen en inzichten onder de aandacht brengen en een ander geluid laten horen. Onder het motto: “Trainers kunnen veranderen. Geef ze de kans om dat aan te tonen.” Uit haar betoog blijkt dat dat niet vanzelf gaat, maar dat er de bereidheid en inzet daartoe van betrokkene èn de juiste begeleiding bij nodig is. Een belangrijke noot bij alle meningen van en over pedagogisch verantwoord trainerschap op dit moment. Op haar uitdrukkelijk verzoek hebben we het artikel geanonimiseerd.

“Als jong talentje verhuisde ik naar Zoetermeer om te kunnen trainen bij wie iedereen toen de beste trainer van Nederland noemde: Frank Louter. “Als je bij iemand anders zou gaan trainen, verdeed je je tijd en talent”, werd er in die tijd hardop gezegd. Hij had de hoogste licentiegraad bij de KNGU en als je wat wilde bereiken in het turnen dan moest je bij hem zijn. Al ontregelde deze voor een jong kind drastische stap het gezinsleven en vonden ze het thuis heel moeilijk om me al het huis uit te laten gaan, mijn ouders en familie hebben me altijd zo goed als mogelijk gesteund bij deze kennelijk noodzakelijke stap in een veelbelovende turncarrière. Ik had de basisschool nog niet eens afgemaakt. Al was ik met elf jaar eigenlijk al te oud om in te stromen op topsportniveau, zoals dat toen werd gezegd. Door de verkeerd aangeleerde basistechnieken bij mijn eerste club – die zich niet bezig hield met topturnen – had ik volgens Frank uiteindelijk niet genoeg in huis om op mijn zestiende de KNGU-selectie te halen en stopte ik bij Pro Patria. Ondanks die sportieve teleurstelling heb ik in Zoetermeer toch een fijne tijd gehad met Frank als trainer/coach en heb ik nog steeds goed contact met hem.”

Vele andere turnsters hadden andere ervaringen met Frank

Ik snap heel goed dat er oud-turnsters zijn die zeggen vervelende ervaringen te hebben gehad met Frank en daar wil ik zeker niet aan voorbij gaan. Ik heb die zelf later bij een andere club en trainster ook gehad en weet dus wat dat met je doet en zal daarom ervaringen van anderen nooit bagatelliseren, ontkennen of negeren. Ik kan alleen maar spreken over wat ik heb meegemaakt met Frank en hoe ik er nu op terugkijk als jong volwassene. Ik vind het heel vervelend dat zodra Gerrit Beltman en/of grensoverschrijdend gedrag van trainers in het nieuws komt, het verleden van Frank er altijd bij wordt gesleept. Ik vind daarom dat er ook een keer een positief verhaal over Frank naar buiten mag komen. Wat Frank vroeger ook zou hebben gedaan, in de tijd dat ik bij hem trainde vond ik het een fijne trainer waar ik veel van geleerd heb, als turnster en als mens. Hij is naar ons toe ook open geweest over de rechtszaak die tegen hem liep toen. Ik vind dat hij er hard aan gewerkt heeft om anders te gaan trainen en ik denk ook dat hij geleerd heeft van vroeger en is veranderd. In ieder geval vanaf 2012 tot nu toe. Dat zijn de jaren waar dat onderzoek van de KNGU nu grotendeels over gaat, over Team NL en de bondstrainers. Daar hebben ze Frank de laatste elf jaar juist buiten gehouden.

Bij de grote titeltoernooien stonden sinds 2009 in de regel volgens mij alleen bondscoach Gerben Wiersma, bondstrainer Vincent Wevers en later, vanaf 2012, ‘Oranjecoach’ Patrick Kiens op de vloer om de turnsters in het Nederlandse damesteam te coachen. Als er een enkele keer een turnster van andere clubs dan Heerenveen en Pax de kans kregen mee te doen in Team NL, dan mocht haar clubtrainer soms mee maar vaak ook niet. En Frank mocht na jaren verbanning pas in 2019 dacht ik af en toe weer op de vloer staan bij nationale en internationale wedstrijden als de turnsters die hij in Almelo traint een keer mee mochten doen in Team NL. Ook op het NK. Frank heeft er hard voor moeten werken om aan te tonen dat hij veranderd is om dat te mogen van de KNGU, de topsportmanagers en de bondstrainers van Team NL. Voor die tijd moesten de turnsters van Almelo, – pas sinds 2019 bij de senioren deelnemen -, door een andere trainer gecoacht worden op wedstrijden. Terwijl toen Frank naar Almelo ging, hij al begeleiding kreeg van professionals, en in Almelo zelfs met een pedagoog in de zaal, om zijn werk als trainer te volgen en te ondersteunen. Er is regelmatig door externe onderzoekers bij turnsters en ouders via anonieme enquêtes gepeild hoe het gaat bij de trainingen van Frank. Daaruit blijkt dat ze daar nog steeds hartstikke blij zijn met hem als trainer. De openlijke verklaringen en beschuldigingen die nu op tv en in de media zijn gedaan over ‘body shaming’, geweld en verbale agressie in Team NL en de trainersstaf, noemden – voor zover ik het weet -, bondstrainers Wiersma, Wevers en Kiens. 

Bij het onderzoek nu hoef je geen oude koeien bij te slepen

Niemand heeft ooit toen ze nog turnden hardop iets durven zeggen, want dan kon je Team NL vergeten. Als dat al gemeld werd bij de KNGU geloofde niemand je en werd er niets mee gedaan. Hoe kon jij als jong meisje en je ouders iets weten of vinden over hoe een toptrainer een turnster moet behandelen in het topturnen? De KNGU kwam pas in actie eind juli 2020 toen uitgerekend oud-bondscoach Beltman er iets van zei en oud-TeamNL-turnster Joy het hardop durfde zeggen op tv. Het kan niet meer ontkend of weggestopt worden. De KNGU roept zelfs op om formele meldingen en klachten te doen. Dat moet nu allemaal goed onderzocht worden, zeker. Maar bij dat onderzoek hoef je Frank z’n verleden er niet bij te slepen. Hij heeft ook zelf ooit gezegd dat hij in had gezien dat hij zijn trainingsmethode moest veranderen. Dat heeft hij ook gedaan en hij heeft er hulp bij geaccepteerd. Je moet mensen de kans geven te veranderen en als ze dat echt doen en aantonen niet meer in de fout gaan, dan moet je het verleden er niet bij blijven slepen.

Zeker als andere (oud)bondscoaches, bondstrainers en anderen, die heel lang Frank buiten Team NL hebben gehouden, zelf niet naar hun eigen gedrag hebben willen kijken, daarin ook geen begeleiding hebben geaccepteerd en zich nu zullen moeten verantwoorden voor hun eigen beleid en daden. Frank is een zeer intelligent mens, zo heb ik hem altijd ervaren. Hij weet heel veel en wil zelf altijd nog heel veel leren. Dat is ook één van de redenen dat ik nog zo goed contact heb met Frank. Ik zie hem wel een beetje als mijn mentor, zeg maar. In moeilijke periodes van mijn leven of als ik advies nodig heb, kan ik altijd naar Frank toe. Toen ik bij hem trainde waren alle trainingen open, dus ouders konden altijd komen kijken. Twee keer per week hadden we een fysio waar we naartoe mochten en we hadden ook een diëtiste, iemand die niet met Frank in contact stond. Alles wat er met haar werd gedaan, besproken of als we werden gewogen, gebeurde en bleef bij haar. Dat kwam niet bij Frank en daar bemoeide hij zich niet mee. We kregen ook zelf de keus wat te doen met het advies van de diëtiste: ‘Zo is t prima’… of: ‘Ik wil graag meer’… of: ‘Kun je me ergens anders bij helpen?’

Frank heeft een omslagpunt gehad in zijn manier van trainen

Er kwam toen ook iedere week een soort ‘mental coach’ naar de zaal voor ons, maar ook voor Frank en ik denk zeker dat dat bij Frank op zeker moment wel een omslagpunt of omslagperiode is geweest. Want ook van de turnsters die na mij zijn gekomen, hoor ik alleen maar positieve verhalen over Frank. Volgens mij heeft Frank nog nog steeds goed contact met die ‘mental coach’. Ik geloof dat die ‘mental coach’ met zijn ondersteuning ook veel verschil heeft gemaakt. Ik was in het begin echt een stuiterballetje, nog maar net elf. Die ‘mental coach’ ging met mij muziektherapie doen. Voor(afgaand aan) de training moest ik dan naar tonen luisteren, die hij had opstaan. Je had niet echt in de gaten dat je naar iets luisterde, waardoor je voor de training al beter in je concentratie kwam te zitten. Dus daar was hij met mij mee bezig. Andere turnsters hadden bijvoorbeeld moeite om ’s ochtends vroeg al volop in hun energie te zitten en met hen ging hij dan kijken hoe ze ’s ochtends ook al goed konden trainen en niet dat je nog een uur moest opstarten. Dus hij hielp ons met: hoe kun je als je in de zaal staat, het beste uit jezelf halen.

Ik heb bij Frank nooit last gehad van onzekerheid of fanatisme. En volgens mij die andere turnsters bij Frank ook niet. Op een bepaald moment kwamen ook trainers Patrick Kiens, Daymon Montaigne-Jones en Nel Krouwel in de zaal erbij, die trainden Eythora en een hele club talentjes. Dat vond ik wel heftig in die periode. Ik was heel erg bang voor Patrick. Omdat als ik aan het trainen was, ik hem beledigende en gemene dingen hoorde roepen naar zijn turnsters. Er was een korte periode dat ik alleen met Eythora en Patrick moest trainen. Mijn vader ging vooraf naar Patrick om te zeggen ‘dat ik het wel heel spannend vond’, met als gevolg dat Patrick me een hele training, dus drie uur lang, mijn eigen programma liet doen zonder naar me om te kijken. Het was gewoon ‘not done’ dat je vader tegen je trainer kwam zeggen dat je het eng vond. Alsof ik ervoor moest worden gestraft. Met Frank bleef mijn vader elke ochtend voor de training even gezellig kletsen en daar hoorde je verder niks meer van terug. Het was oké, ze praatten over van alles en de technieken uit de training zelf. Bij Frank kon dat gewoon. Bij Patrick was dat ‘not done’. Na de rechtszaak tegen Frank vertrok Patrick met Daymon, Nel naar SV Pax en namen Eythora en een groot aantal talentjes van Pro Patria mee.

Onzekerheid of fanatisme was geen punt van aandacht

Frank vond het altijd heel belangrijk dat we niet alleen de bewegingen deden, maar dat we ook snapten wat de techniek was achter die bewegingen en waarom we bepaalde oefeningen moesten doen. Hij nam er altijd de tijd voor om dat goed uit te leggen. Hij vond het ook altijd belangrijk dat wij precies konden opnoemen hoe een flikflak in elkaar zit of een arabier of zo. Want als je weet hoe een techniek precies werkt, weet je zelf ook wanneer het niet helemaal lekker loopt en waar het aan kan liggen. Hij vond het belangrijk dat we buiten het turnen zelf meer controle kregen over ons lichaam en dat ook konden gebruiken in ons leven naast het turnen. Als je bijvoorbeeld op school merkte dat iets niet helemaal goed ging, je het kon analyseren. Hij vond ook onze vooruitgang op mentaal gebied en onze ontwikkeling als persoon ook erg belangrijk. Er was altijd interesse, bijvoorbeeld hij kwam aan het rek gezellig een praatje maken, maar dat was vooral op het gebied van persoonlijke ontwikkeling.

Dus dat je als kind leert om zelfstandig te werken, om dingen te analyseren. Frank vond het gewoon erg belangrijk dat we in dat stukje ook groeiden omdat we natuurlijk heel veel in de turnhal zaten. Het ging bij Frank nooit alleen maar om turnen, zeg maar. Je was ook ‘op school’ tijdens de turntraining. Wat school betreft had het bestuur van Pro Patria gezorgd dat er goede afspraken waren. Toen ik begon zat ik nog op de basisschool, dat was geen LOOT-school maar gelukkig was er wel veel contact tussen Pro Patria en die school. Dat was allemaal goed geregeld. We hadden eerst ochtendtraining bij Pro Patria en dan kwam ik ’s ochtends tussen 9:30 uur en 10:00 uur op school. Dan begon ik lekker met de lessen. ’s Middags mocht ik dan om 15:00 uur weg voor de middagtraining. De middelbare school was ook niet echt een LOOT-school, maar ook met die school had Pro Patria goede contacten en werd alles geregeld. Dus daar hebben wij turnsters nooit problemen mee gehad. Het ging allemaal heel soepel.

Het maakte niet uit of ik met Frank of de trainster trainde

We kregen nadat Kiens en de anderen weg gingen bij Pro Patria een vrouwelijke trainster erbij. Daarnaast waren er standaard altijd drie stagiaires die Frank les gaf en die ook assisteerden in de zaal. Voor mij maakte het eigenlijk niets uit of ik met Frank trainde of met de nieuwe trainster. Zij was ook moeder, dus je ging makkelijk naar haar toe, maar ik ging net zo makkelijk naar Frank toe, als ik dacht ‘Ik voel me even niet goed’ of ‘Ik zit ergens mee’. Toen een familielid overleed met wie ik een hele goede band had en veel verdriet over had, heb ik Frank dat verteld. We  hebben toen samen gekeken naar wat wel en wat niet ging in de trainingen. Hij keek dan met me mee en hield het in de gaten als ik soms wat sneller afgeleid was. Hij paste de algemene trainingen daar voor mij ook op aan. In die periode kreeg ik ééns per maand therapie voor een allergie. Dan kon ik één keer in de maand niet mee trainen. Met toestemming van Frank kwam ik dan een uurtje naar de zaal toe om alleen wat lenigheid te doen en het contact met de groep te houden. Dat was allemaal geen probleem voor hem.

Frank vond gezondheid ook heel belangrijk. Dat dat ook allemaal goed was. Ik had bij mijn eerste club heel veel verkeerde technieken geleerd. Dat brak me op bij het topturnen in Zoetermeer. Als ik losse onderdeeltjes moest leren, ging het goed, maar zodra het een combinatie moest worden, verviel ik vaak weer in mijn oude techniek. Ik bleef vechten, want ik wilde zo graag het Nederlandse team halen maar ik kwam gewoon niet verder. Frank nam me op een dag apart en legde me uit hoe hij het zag: ‘Je hebt er hard voor gewerkt en voor gestreden, maar ik voorzie dat het je net niet gaat lukken omdat je de basis niet meer goed krijgt. Je moet jezelf dit niet meer aandoen, blijven doorgaan met als uitkomst een grote teleurstelling. Het spijt me, maar je kunt beter nu stoppen.’ Hij was er heel eerlijk in. Frank is sowieso altijd heel eerlijk. Dat bewonder ik ook aan hem. Hij was natuurlijk gewoon streng, het was topsport, maar het was wel altijd rechtvaardig. Dat heb ik bij mijn latere club niet ervaren. Daar was het binnen de groep niet eerlijk, niet rechtvaardig. Daar zie ik een groot contrast in, tussen trainen bij Frank en en bij mijn latere trainer.”

Frank was eerlijk en rechtvaardig, maar dat zie je niet overal

“Dat als je ouders iets kwamen zeggen, dat je er als sporter de dupe van werd. Of als je een medaille haalde, je de publiciteit moest delen met anderen, die je prestatie totaal niet waardeerden. Dat je daardoor daarna, ondanks je prestatie, in een slechtere positie werd geplaatst in de club of, dat het als je het over iets wilde hebben waar je mee zat, totaal niet gewaardeerd werd. Van al die verhalen die je nu leest, merkte ik niets bij Frank maar wel bij die volgende club en een andere gymsport juist wel. Waar sommigen echt een voorkeursbehandeling boven anderen kregen. Je werd volledig beheerst. Je mocht bijvoorbeeld zelf heel veel wat je ervoer, meemaakte en zag in je sportleven niet op je eigen privé social media zetten. Dat werd streng gecontroleerd en als je het toch deed, dan kreeg je gelijk een appje van de trainster: ‘Haal dat er onmiddellijk af!’ Ze wilde alles onder controle houden. Ook met die verhalen over de weegschaal ging het bij die club precies zo. Heftig, zeg maar. Op dinsdagavond en zaterdagochtend moesten we op de weegschaal en er werd van je verwacht dat je op dinsdag even zwaar was als zaterdagochtend. Terwijl dat fysiek gezien eigenlijk niet mogelijk is. Een groot contrast met het topturnen bij Frank in Zoetermeer. Daar was er totaal geen ‘body shaming’. Hij heeft nooit iets over gewicht of wegen gezegd.

Ik was toen nog erg jong, dus bij mij speelde dat niet zo. Maar ook de oudere topturnsters, waarvan enkele comebacks maakten, hadden hierbij van Frank geen last. Daar hadden we de diëtiste voor en als we zelf het idee hadden dat er wat was, konden we naar haar toe. In mijn herinnering was het alleen Patrick Kiens die daar dingen over zei in de korte tijd dat ik hem daar meegemaakt heb. Frank heeft zich hier nooit mee bezig gehouden. Toen ik na Pro Patria bij mijn nieuwe club kwam en daar zeer vaak werd gewogen, vroeg ik me gelijk af: ‘Wat is dit?! Waarom moeten we zo vaak op de weegschaal?!’ Dat was echt wel even wennen eerst. Ik was een stuk ouder toen en dan ben je bewuster bezig met je lichaam. Ik heb er daarna wel heel veel last van gehad, doordat ze zo de nadruk legden op gewicht en uiterlijk. We kregen daar bijvoorbeeld foto’s van andere gymnasten op social media te zien met de vraag: ‘Willen jullie er niet zo uit zien?’ Ik had wel heel veel geluk met mijn vaste team- en trainingsmaatje, die heeft nooit iets over gewicht gevraagd. Ik zat in de groei en werd zwaarder. Het was altijd prima, ze ging gewoon wat harder trainen samen met me. Toen ze stopte, heb ik met anderen wel heel veel last gehad van ‘body shaming’. Dat ze me elke keer vroegen ‘Hoe zwaar ben jij?’ en me naar de weegschaal brachten. En elke dezelfde conclusie: ‘Oh, dat is teveel, er moet nu wat af!’ Teamgenoten en de trainers bemoeiden zich er heel veel mee, terwijl je juist in die jaren groeit, ouder en zwaarder wordt. Als je vijf centimeter gegroeid was, moest je even licht zijn als je eerst was. Dat is wat ze wilden. Dat is ook hoe het bij al die andere jonge meiden bij mijn nieuwe club gegaan is. Velen zijn daar voortijds gestopt met hun sportcarrière, omdat ze dat niet trokken en hun ouders dat niet pikten.”

Het beeld over Frank dat hij nog steeds hetzelfde doet, klopt niet

“In Zoetermeer ging het anders. Ik kon het daar heel erg goed vinden met oudere turnsters. Ze waren een soort grote zuszen, waar je ook van alles aan kon vragen. Die had vroeger bij Frank getraind en was er weer teruggekeerd. Dat vond ik eerst zelfs helemaal niet leuk. Ze kon alles nog en deed de oefeningen en elementen meteen helemaal goed, terwijl ze vier a vijf jaar niet had geturnd. Ik moest alles nog leren en voor elk element vechten. Maar ze was altijd bereid om me te helpen, dat was aardig en heel fijn. Ze had goed contact met Frank, ook toen ze in haar puberperiode zat. Er kwam in die tijd daar ook een jong talentje trainen die, toen Frank naar TON vertrok, ook naar Almelo ging en daar nog steeds bij hem traint. Ik denk dat dat ook wel weer een bewijs is dat Frank een fijne trainer is nu en echt niet meer zo is als hij vroeger was. Zoals hij in de artikelen vaak is en wordt omschreven als trainer. Er zijn zoveel turnsters naar hem teruggekeerd na die ommekeer. Hij heeft als mens en als trainer een grote ontwikkeling doorgemaakt, denk ik. Ik spreek natuurlijk vanuit mijn ervaring, van toen ik bij Frank trainde, dus ik kan niet goed zeggen wat er daarvoor is gebeurd. Mijn ervaring is dat Frank heel positief is en ik heb daarom nog steeds goed contact met hem.

Dat contact is altijd positief gebleven Frank is heel eerlijk en heel slim. Dat kan ik heel erg waarderen en daar heb ik ook veel respect voor. Als ik een voorbeeld mag geven: als je naar Frank ging met een vraag en je wilde een antwoord krijgen, dan ging je dat niet zomaar krijgen. Hij wilde zoveel mogelijk dat je er zelf over nadacht en uit kwam. Hij gaf je wel de hints die je nodig had om zelf tot je beslissing of antwoord te komen. Hij kon je heel goed aan het denken zetten en dan merkte je ook dat hij van heel veel dingen afweet. Ten tijde van die rechtszaak zijn er overigens ook oudere of oud-turnsters geweest die hun steun voor hem als trainer hebben betuigd en hebben uitgelegd dat hij was veranderd en een fijne trainer was. De oude generatie turnsters zat er niet meer toen ik bij Pro Patria trainde, maar ze hadden hun sporen daar wel achter gelaten. In de aanloopbaan bij sprong in de oude turnhal van Pro Patria zat een houten uitstulping en daarop waren door heel veel van die oudere turnsters hele positieve dingen opgeschreven over Frank als trainer. Ik wil daarmee niet ontkennen dat er ook vervelende dingen zijn gebeurd, maar ze hebben ook de positieve kant van hem als trainer ervaren. Anders zouden ze dat daar nooit zichtbaar hebben achtergelaten.

De tijd in de gymsport heeft me getekend, Frank als trainer niet

Ik heb nadat ik stopte professionele hulp ingeschakeld om de negatieve ervaringen in de gymsportwereld te verwerken die mij hebben beschadigd als mens. De positieve ervaringen zoals bij Pro Patria met Frank als trainer en mijn trainingsmaatjes hebben me gelukkig ook houvast en het besef gegeven dat het ook anders kan. Dat mensen kunnen veranderen en dat er mensen zijn die je kunt vertrouwen. Ik werk nu in de theater- en showwereld. Dat werk ligt op dit moment even helemaal stil vanwege Corona, want die anderhalve-meter-afstand-regel maakt het heel lastig. Ik blijf in training want er komen wel weer nieuwe kansen. Het is werk naar mijn hart waarin ik mijn passie en talent in kwijt kan en respect krijg voor wie ik ben en wat ik kan. Ik heb me hierin ook kunnen ontwikkelen, als artiest en als mens. Het is niet altijd rozengeur en maneschijn maar als er een meningsverschil is of iets dat niet klopt of ik het ergens niet mee eens ben, kan ik mijn visie geven en mijn eigen keuzes maken. Je bent vrij om te werken waar je het naar je zin hebt en je er goed voor wordt betaald. Ik bekijk een contract heel goed als het mij wordt aangeboden. Er gebeurt niets met mij waar ik niet aan wil meewerken of niet akkoord mee ga en daar hoef ik ook niet over te zwijgen, omdat ik bang ben dat iemand zijn macht gebruikt om me zwart te maken zodat ik nergens meer aan de bak komt. Dat is strafbaar in Nederland.  

Mijn ouders  hebben mijn sportcarrière ook goed overleefd en steunen en adviseren mij nog steeds, al ben ik nu volwassen en ga ik mijn eigen weg. Ze zijn altijd heel positief over Frank geweest en nog steeds. We hebben laatst samen een gesprek bij Centrum voor Veilige Sport Nederland (CVSN) van de NOC*NSF gehad. Ik heb daar alles wat ik heb ervaren aan grensoverschrijdend gedrag en intimidatie in de gymsportwereld weer uitgelegd. Het voelde alsof ik daar wel serieus genomen werd. Ze hebben alles in een dossier gezet en gingen het doorsturen naar het onafhankelijk onderzoek dat nu loopt. Als ze daar iets mee willen, kunnen ze contact met ons opnemen. Ze gaven ook advies voor als we er nog iets anders mee wilden doen. Als we een tuchtzaak wilden beginnen of zo. We zullen zien of het ervan komt dit keer. Toen ik net gestopt was, hebben mijn ouders en ik een melding en klacht gedaan bij de KNGU over de psychische schade die mij is aangedaan door onverantwoord beleid en ongewenst gedrag bij de club. Daar is toen helemaal niets uit gekomen. Nu de KNGU oproept om formele meldingen te doen en zegt dat we het vertrouwen kunnen hebben dat die wel onderzocht en behandeld zullen worden, heb ik daarom nu weer mijn verhaal gedaan. Ik vind het belangrijk, ook voor de andere jonge sporters van toen en nu, dat er wat aan gedaan wordt aan die situatie en dat er een echt onderzoek wordt ingesteld. Wat ik en anderen hebben meegemaakt, moeten andere kinderen niet blijvend aangedaan worden en dat daar niets mee wordt gedaan door de club en de bond, ook niet. Al blijf ik erbij dat we niet uit het oog mogen verliezen, dat mensen tot inkeer kunnen zijn gekomen en veranderd kunnen zijn. Daar moet je zeker voor open staan, maar dat moet uit objectief onderzoek van feiten en omstandigheden blijken, niet uit persoonlijke verhalen.

Cultuuromslag in de gymsportwereld mogelijk met positief coachen

Ik denk dat vooral trainers zich moeten kunnen verplaatsen in de sporters zelf. Als trainer kun je heel erg vast zitten in je persoonlijke visie: dat en dat moet er gebeuren!’ Sporters worden dan de middelen om dat te bereiken. Vooral met positieve coaching kun je veel verder komen. Natuurlijk is topsport hard, maar harde sport hoeft niet te betekenen dat je sporters de grond in moet stampen of op al dat gewicht de nadruk moet leggen of op andere dingen die niet hoeven. Ik denk dat het heel belangrijk is dat je de eigen motivatie, die er bij heel veel topsporters al is, versterkt. Ik denk dat dat het belangrijkste is. Ik wilde uit mezelf altijd heel hard trainen en ik denk dat als je dat op een positieve manier ondersteunt, dat er meer uit komt dan als je de hele tijd tegen een gymnaste zegt ‘Je bent slecht’, of ‘Het ging weer niet goed’. Ik denk dat dat het belangrijkste is, dat je als trainer de eigen motivatie van sporters, in het turnen of welke andere (gym)sport ook, ondersteunt en het respect niet vergeet.” Dat je als trainer bijvoorbeeld respect opbrengt voor het (sociale) leven dat een aantal sporters ook buiten de sport heeft. Ik heb daarin vervelende ervaringen in de sport gehad en ben daardoor ook beschadigd als mens. Ik begrijp daarom ook heel goed wat die sporters hebben meegemaakt en bedoelen die zeggen diezelfde ervaringen te hebben gehad met Frank.

Mijn belangrijkste doel van mijn melding bij de CVSN en deze verklaring die ik anoniem via GymPOWER wil delen, is om te vertellen dat er bij Frank Louter een ommekeer is geweest. Niemand heeft het daarover en daarom wil ik dat verhaal vertellen. Sinds 2012 heeft hij in feite zijn bijdrage geleverd aan het begin van de cultuuromslag in de Nederlandse turnsport. Lees de verklaringen er maar op na van de turnsters die bij hem geturnd hebben in de afgelopen acht jaar, in Zoetermeer en Almelo. Hij is niet meer zo als daarvoor en is veranderd, ik kan daarvan getuigen. Mensen kunnen echt veranderen en dan is de tijd om oude koeien uit de sloot te halen wel voorbij, vind ik. De cultuur binnen de gymsportwereld moet veranderd en verbeterd worden en de verantwoording daarvoor ligt bij de bestuurders, beleidsmakers en managers van de KNGU maar ook de verantwoordelijke trainers voor de TeamNL-selecties. De energie in een nieuwe gymsportwereld moet hierna gaan naar positief coachen, zodat er naast de turnsters en de sporters in andere gymsporten die beschadigd zijn tot nu toe, niet nog meer kinderen het slachtoffer worden van pedagogisch onverantwoord trainerschap en ongewenst gedrag. Je zou dan de trainers en coaches niet eens hoeven straffen voor dingen die vroeger gebeurd zijn. Mensen kunnen echt veranderen, je moet ze de kans ertoe geven. En dan blijkt wel uit de praktijk wat ze met die kans doen. Die trainers, de clubs en de KNGU weten in ieder geval dat hierna sporters en ouders en iedereen in heel Nederland weet wat grensoverschrijdend gedrag en intimidatie is. Nu ze zien en begrijpen wat voor gevolgen dat heeft voor je hele leven, zal er niemand ooit meer dat willen accepteren of verzwijgen. Hoop ik.”

Standpunten over besluit DG/KNGU tot onderzoek trainersstaf 

Louter en Kiens willen en kunnen niet reageren naar de pers toe en de KNGU zwijgt in alle talen op vragen die de sportredactie van GymPOWER aan de bond heeft gesteld over de motivatie, gronden en bereik van het onderzoek. Ter verificatie en voor hoor en wederhoor van bovenstaande verklaring wijzen we, met de nodige voorzichtigheid ten opzichte van de objectiviteit, op recente publicaties in andere media, zoals ook eerder opgetekend in een artikel op GymPOWER d.d. 8 augustus 2020: ‘DG/KNGU vraagt clubs/werkgevers Oranje-trainers te schorsen’, met reacties en verklaringen van de clubs/werkgevers van Louter en Kiens en turnsters die onder onder hen hebben geturnd in de afgelopen acht jaar.

TON-voorzitter Han Kuiper verklaarde in een artikel van 28 juli 2020 tegenover Tubantia dat Topturnen Oost-Nederland – waar trainers Vincent Wevers en Gerrit Beltman gewerkt hebben en waar vele turnsters getraind hebben die thans melding maken van toenmalige misstanden – achter de huidige hoofdtrainer Louter blijft staan, omdat er nu geen klachten over hem bekend zijn en er hard gewerkt is aan een veilig sportklimaat met o.a. monitoring door een pedagoog bij trainingen, wat de nodige complimenten oogstte van DG/KNGU. Uit een recente interne peiling zou volgens Kuiper blijken dat ouders vol lof zijn over Louter, die zelf vooralsnog niets wilde zeggen tegen de pers. Na de persconferentie van de KNGU op 29 juli 2020 en na de bijeenkomst met de vier clubs/werkgevers van de TeamNL-trainers die niet in dienst zijn bij de KNGU – waarin de bond de clubs verzocht o.a. Louter en Kiens een stap terug te laten zetten in het kader van het lopende onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag en intimidatie-, heeft de bond benadrukt dat de vier trainers geen verdachten zijn. Topturnen Oost Nederland (TON) in Almelo heeft volgens publicaties door o.a. RTV Oost op 9 augustus 2020 als derde club haar steun toegezegd aan het onderzoek en liet Louter een stap terug doen die dit accepteerde. Voor de duur van het onderzoek zou de Almelose hoofdtrainer de twee TON-turnsters die toegelaten zijn in de KNGU-selectie geen training geven. De KNGU zou willen bijdragen om een extra trainer in Almelo in te zetten om de taken van Louter over te nemen. Op 16 augustus 2020 publiceerde Tubantia een interview met Marieke van Egmond, die in de afgelopen acht jaar van jong talent tot senior turnster in Team NL onder Frank Louter heeft getraind bij TON Almelo. Ze beaamde desgevraagd o.a. dat ze geen negatieve ervaringen met Louter als trainer heeft gehad en dat hij veranderd is ten opzichte van de meldingen die turnsters van vroeger het over hebben.

Het bestuur van SV Pax, waar een paar jaar terug naar aanleiding van klachten en meldingen in 2017 o.a. een onderzoek naar het veilig sportklimaat is ingesteld bij het Instituut Sportrechtspraak (ISR), belegde al voor de persconferentie van de KNGU een interne bijeenkomst met trainers, sporters en ouders om de situatie te bespreken en de gelederen te sluiten. In een bericht d.d. 7 augustus 2020 op de website van SV Pax is een eigen verslag gepubliceerd over die bijeenkomst en ook over de door DG/KNGU centraal belegde bijeenkomst met alle clubs/werkgevers van de Oranje-trainers wiens schorsing DG/KNGU verzocht. In een bericht op haar website liet het bestuur van SV Pax Hoofddorp weten – als enige van de vier clubs/wergevers – vooralsnog niet te zullen voldoen aan het verzoek van DG/KNGU om Patrick Kiens een stap terug te laten zetten als TeamNL-trainer. De club heeft daarbij ook besloten de trainingen voor topturnsters van diverse leeftijden uit de DG/KNGU/TeamNL-selecties die bij de club onder leiding van Kiens trainen, te laten doorgaan. Het bestuur van SV Pax wil eerst meer informatie en ‘dat DG/KNGU het geopende onderzoek eerst regelt naar de visie van de club zodat dit op zuivere en juiste gronden gebeurt, voordat er nagedacht wordt over de noodzaak aan het verzoek van de bond te voldoen’. Zorgvuldigheid bij publicaties en uitingen in de media blijft geboden.

Op 15 augustus 2020 publiceerde Rijnmond.nl een interview met Eythora Thorsdottir, waarin zij zich net als eerder in interviews met andere media tekort gedaan voelt en een lans wil breken voor haar trainer Kiens, die zelf niet wil reageren. Thorsdottir herkent zich niet in de meldingen en klachten over grensoverschrijdend gedrag en intimidatie in TeamNL. Ze bevestigt dat Kiens soms tijdens trainingen tegen haar uitvalt en zij tegen hem, maar vindt dat erbij horen en dat ze er beter van worden. Omdat ze nu volwassen is, kan ze er ook mee omgaan vindt ze. Ze heeft thuis ook nooit iets hoeven melden aan haar ouders. Thorsdottir onderschrijft het besluit van haar club om het verzoek van de KNGU om medewerking aan het onderzoek naast zich neer te leggen en Kiens niet te vragen tijdelijk te stoppen met het training geven aan haar en andere TeamNL-turnsters bij SV Pax. Er is volgens haar genoeg onderzocht bij SV Pax en alles is kwijtgescholden. Met Team NL vindt ze het ook heel goed gaan en daarom vindt ze dat het besluit om een onderzoek in te stellen naar de klachten en meldingen tegen de trainersstaf van Team NL niet rechtvaardig. De turnsters zijn volwassen en hebben meer aanspraak in Team NL en zij zelf heeft inspraak bij SV Pax en kan alles overleggen samen met haar trainer/coach. Als Kiens door het geopende onderzoek weg zou moeten, dan moet ze nadenken of ze doorgaat met turnen want hij is voor haar sportcarrière onontbeerlijk en onvervangbaar. Mocht ze geselecteerd worden voor TeamNL dat naar de Spelen in 2021 gaat – de selectieprocedure daarvoor begint pas eind 2020 – , dan zou ze volgend jaar niet afreizen naar Tokio als Kiens niet mee mag gaan. Ze vindt het jammer dat het allemaal in duigen valt, daarom spreekt ze zich uit en wil ze het positieve naar voren brengen. Volgens haar heeft Thorsdottir (net 22 geworden), die zelf zegt van kleins af aan bij Kiens te hebben getraind en in 2012 haar intrede deed bij de junioren in Team NL, ‘vroeger’ zelf meegemaakt dat je moest doen wat de coach zei en er niets tegenin kon en mocht brengen. ‘Wat vroeger gebeurd is’ maakt de scheidslijn tussen nu en vroeger vaag en legt vooralsnog niet uit wát er volgens Thorsdottir bij haar trainer veranderd zou zijn. 

Het onderzoek van het Instituut Sportrechtspraak bij SV PAX waar bovenstaande tekst eerder naar verwees, geeft daar ook geen duidelijkheid over. In een persbericht van 9 maart 2019 kondigde de DG/KNGU aan naar aanleiding van de conclusies van het ISR-onderzoek bij SV Pax scherpere regels te gaan hanteren voor een veiliger sportklimaat. Volgens de bond was er sprake geweest van een aantal gevallen van ongewenst c.q. grensoverschrijdend gedrag binnen de topsportafdeling Turnen Dames van SV Pax die sinds 2014 het keurmerk van regionaal talentopleidingscentrum van de KNGU had gekregen met het daarbij behorend budget. Eén van de criteria daarvoor was dat blijvend aan de criteria voor veilig sporten moest worden voldaan. SV Pax mocht ondanks de conclusies van het ISR die status en budget behouden. Alhoewel de KNGU elk incident er één te veel vond, heeft de KNGU dit niet met de toenmalige situatie in verband gebracht want de bond heeft het indertijd niet noodzakelijk gevonden om bij de club in te grijpen. De KNGU opteerde volgens haar persbericht voor een genuanceerd dialoog met alle betrokkenen en te spreken over gedeelde verantwoordelijkheid voor de jonge sporter. De KNGU legde de verantwoordelijkheid deels bij de (push)ouders als mogelijke veroorzakers van een onveilig sportklimaat en ongewenst gedrag van trainers, maar ook het clubbestuur dat in het geval van SV Pax beloofde een verbeteringstraject in te zetten om het veilig sportklimaat te herstellen, waaronder het volgen van VSK-bijscholingen. De KNGU zou dit traject ondersteunen, monitoren en ook zelf evalueren eind 2019. Van de conclusies van die evaluatie is tot op heden geen bericht gekomen van de KNGU. Wat de scherpere regels voor een veiliger sportklimaat inhielden, is nu nog steeds niet bekend gemaakt, voor zover we het kunnen nagaan.

Over wat precies een topsportprogramma definieert blijken er ook verschillende opvattingen te zijn. Waar Thorsdottir haar persoonlijke band met haar eigen trainer/coach als onontbeerlijk en onvervangbaar ziet, blijkt uit een artikel d.d. 17 augustus 2020 van AD.nl dat DG/KNGU-topsportmanager Mark Meijer een andere opvatting over heeft. Ondanks het feit dat DG/KNGU besloten heeft het topsportprogramma stil te leggen gaande het onderzoek naar haar huidige TeamNL-trainersstaf, zegt Meijer naar alternatieven te zoeken om dat besluit een andere insteek te geven en het topsportprogramma waar hij verantwoordelijk voor is, weer op te starten voor de topturnsters die niet meer onder leiding van hun TeamNL-trainers kunnen trainen. Meijer legt uit in het artikel op AD.nl: “Alleen het TeamNL-sausje is er nu af. Dat wil niet zeggen dat de topturnsters niet bij elkaar kunnen komen om samen te trainen.” Het streven van Meijer is opvallend, want er is nog geen officieel TeamNL geselecteerd voor de Spelen van 2021 in Tokio. Volgens het persbericht van DG/KNGU van 17 juli 2020 kunnen alle senior topturnsters van Nederland zich nog via de Brabant Trophy op 31 oktober 2020 en de Nationale Instroom Test op 6 november 2020 melden voor de Oranjeselectie, waarvan alle leden zich op 13 november 2020 in een besloten training aan de bondscoach zouden moeten bewijzen. Vervolgens zou hij op 16 november 2020 zijn keuze bekend maken welke maximaal tien turnsters in het Olympisch traject van Nederland in kwalificatiewedstrijden mee kunnen dingen naar de vier tickets van Team NL. Zou het niet logisch zijn dat topsportmanager Meijer en DG/KNGU zich nu zouden beraden over wie de vacante rol van de bondscoach (waarnemend) mag gaan vervullen de komende maanden?

In deze periode waarin de internationale en nationale sportwereld diep geraakt wordt door verklaringen over en onderzoeken naar (on)veiligheid in elk opzicht in het sportklimaat, wordt dit artikel uit het GymPower Sportmagazine nummer 2020-04 de lezers aangeboden zonder PREMIUM-restrictie omdat het belangrijk is voor de hoor en wederhoor in deze kwestie.

Artikel © GymPOWER | Credit tekst © Therry da Silva | Credit cover: persfoto archief © GymPOWER | Fotograaf © Maurice Smeets

Sportredactie GymPOWER

Sportredactie GymPOWER

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.